De grote ontgoocheling

“Na de bevrijding kwam al gauw de grote ontgoocheling. In de oorlog was je één. Communisten, katholieken, protestanten en socialisten of gereformeerden, je was één. En je dacht dat het zo zou blijven. Maar dat was een grote vergissing. De oorlog was nog maar nauwelijks afgelopen of er werd weer onderscheid gemaakt. In de oorlog was de De Waarheid een geweldige krant, na de oorlog leek het wel of je een melaatse was als je die krant nog steeds las. Nog een voorbeeld. Direct na de bevrijding ben ik oprichter geweest van de Eenheids Vakbeweging, de EVB. Met elkaar zouden we sterk zijn. Maar al gauw gingen er mensen uit omdat er ook communisten in zaten. Die linkse jongens kregen dus al snel de overhand. Op een gegeven moment waren er praktisch alleen nog communisten over die de naam hebben veranderd in Eenheids Vakcentrale, de EVC. Ik ben er toen ook uitgegaan.”

Aldus Gerard Sampon, NvhN 18 mei 1985.

About these ads

7 reacties on “De grote ontgoocheling”

  1. Wim zegt:

    Is oorlog toch nog ergens goed voor. Soms zou je Nederland een klein oorlogje toewensen.

  2. Ton Andringa, Gasselte zegt:

    In de oorlog was je een?
    Sampon houdt zowel mythe als taboe overeind.
    De verzetsorganisaties waren vanaf hun eerste opzet zuilgebonden. Ze bleven los van elkaar opereren. Inclusief onderlinge vooroordelen ( en soms verraad).
    Ook van een gezamenlijk optreden van de kerken was aanvankelijk geen sprake.
    Tien kerken stuurden juli ’42 een telegram naar de Duitse overheid over het anti-semitisme. Vrijwel alleen in de roomskatholieke kerken werd dat van de kansel voorgelezen.Protestantse Kerken en de R.K.Kerk protesteerden later bij Seyss-Inquart officieel tegen allerlei vormen van onderdrukking. De gereformeerden deden niet mee omdat ze op Bijbelse gronden trouw bleven aan de bezettende macht.
    Enige doorbraak van de verzuiling vond hoogstens plaats in de hogere regionen van de kerkorganisaties. Anderzijds kwam ook in kringen van kerkelijke leiders collaboratie en verraad voor.Berucht geval: Cornelis van Geelkerken.
    In 1944 vond er een scheuring plaats binnen de gereformeerde kerk. Er waren gelovigen uit beide kampen die elkaar bij de SD als verdachte aangaven.
    Op het aan het licht brengen van dergelijke kwalijkheden rust nog steeds een taboe

    ‘In de oorlog was je een.’
    Wie was die ‘je’ dan wel?
    Onderduikers onderbrengen deed 2 à 3 % van de Groninger stadsbevolking. In stad plus Haren waren er ongeveer 1400 mannen en vrouwen die wat illegaal werk deden en iets meer dan 1 % van de bevolking pleegde actief verzet.

    ‘Na de bevrijding de grote ontgoocheling.’
    Ja, inderdaad verbijstering over zoveel stiekeme NSB-ers, verklikkers, Germaanse SS-ers, oorlogsprofiteurs in de straat en vlak om de hoek. Mensen van wie je het nooit zou denken, hadden voor bloedgeld onderduikersadressen verkocht aan de SD. Er waren in de stad nog al wat onversneden gluiperds die collega’s en buren voor een paar gulden de dood injoegen.
    Juist de bejubeling achteraf van de eenheid gedurende de oorlog, berust op een vergissing.

    • Wim zegt:

      Onlangs las ik “Nacht und Nebel” van Floris Bakels. Ook hij vertelde over het eenheidsgevoel van de mensen van verschillende zuilen met wie hij in verschillende concentratiekampen zat. Hij schrijft dat ze in Natzweiler stiekem kerkdiensten hielden, waar mensen van alle kerkgezindten aan mee deden. Hij was zelf wars van vorm van georganiseerd geloof, maar sprak in het kamp zelfs bij zulke bijeenkomsten. Natuurlijk doelen Sampon en Bakels op dergelijke omstandigheden, waarin de oorlog echt voelbaar was, zoals in het verzet. In de dagelijkse maatschappij had een groep in de gereformeerde kerk nog tijd voor een extra kerkscheurinkje, waren er gluiperds, NSB-ers, Germaanse SS-ers; dat kan niemand ontkennen. Anderszins zouden de Nederlanders wel heel erg boven de andere Europeanen zijn uitgestegen en zou hun houding inderdaad mythologische proporties hebben gekregen.
      Bakels had wat licht verzetswerk gepleegd, wat illegale stenciltjes verspreid. Dat leverde hem 3 jaar concentratiekamp op onder de meest zware omstandigheden. Het was de bedoeling dat die gevangenen bij “nacht en nevel” zouden verdwijnen. Bakels beschrijft dat er bijna elke dag tijdens het ochtendappel wel iemand doodgeknuppeld of opgehangen werd.
      Hoe kun je het mensen kwalijk nemen als ze niet in het verzet zaten en niet dergelijke straffen wilden riskeren? Het noemen van die percentages van 2 à 3 % onderduikadressen en 1% actieve verzetsmensen heeft iets laatdunkends. Waarom zouden die aantallen laag zijn? Hadden mensen wel meer mogelijkheden tot verzet? En was verzet altijd verstandig, gezien de zware sancties die vaak volgden (Putten)?

      (Ik zou niet durven beweren dat ik bij genoemde percentages zou behoren, maar sluit me aan bij het gortdroge grapje van Hans van Mierlo: “Ik ben net als heel veel Nederlanders pas na de oorlog in het verzet gegaan.”)

  3. groninganus zegt:

    Ton,
    Bedankt voor dit uitgebreide commentaar!

    En inderdaad: de Trouw-mensen trokken zich weldra terug uit Vrij Nederland. Tot zover de doorbraak.

    Nog een kanttekening: iets van Sampons teleurstelling is wel degelijk terug te voeren op een teleurstelling die kort na de oorlog in oud-verzetskringen gevoeld werd:

    http://groninganus.wordpress.com/2008/10/28/het-verzet-is-morsdood/

  4. Ton Andringa, Gasselte zegt:

    Sampon uit teleurstelling over de verguizing van het communistische aandeel in het verzet Daarin heeft hij absoluut gelijk. Sommige standaardwerken over het verzet in Groningen negeren de rol van De Waarheid (voorheen Noorderlicht) en de acties van de Raad van Verzet. De RVV had in Groningen een communistisch stempel, vooral nadat Gerben Wagenaar er De Waarheid reorganiseerde en een sabotagegroep oprichtte, die zelfs mee vocht bij de bevrijding van Groningen.
    Andere verzetsgroepen wantrouwden de communisten. De O.D.(Ordedienst) bijvoorbeeld was in 1940 opgericht door Nederlandse ex-militairen die beducht waren voor een communistische staatsgreep na de oorlog.
    Vergeet niet dat in de jaren vóór de oorlog elke zondag opnieuw vanaf de kansels dominees en priesters het communisme hadden afgeschilderd als de gruwelijke ideologie van de antichrist.
    De rol van de USSR bij de vernietiging van het Nazisme was in ’45 ook nog niet tot ons doorgedrongen.
    Persoonlijk heriinner ik me, dat, toen na de bevrijding de schuilkelders op het Hereplein gesloopt werden, een passant riep: ‘Loat ze moar stoan, jongens. De Russen komen zo.’

    • groninganus zegt:

      Inhakend op je eerste zin: ik denk niet dat Sampon communist was. Anders zou hij niet uit de EVC zijn gestapt. Een broer van hem zat eind jaren dertig kort in de Groninger gemeenteraad voor Harm Koltheks partij ‘Recht en Vrijheid’, een soort linkse horzel in de pels van de SDAP (zie Stad van het Noorden). In zijn eenheidsdroom was Sampon ook niet uniek, gezien de beginselverklaring van de EVB: http://www.vakbewegingindeoorlog.nl/sites/default/files/010_zj.pdf
      Blijkbaar leefde die droom, afgezien van de kampen, vooral in vakbondskringen


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 566 andere volgers