De tarieven van de beul (1729)

beulszwaard Gmünd Hessink 27 januari 2007

Wurgen en verbranden

ƒ 145

Ophangen

ƒ 126

Radbraken

ƒ 125

Levend verbranden

ƒ 119

Geselen en brandmerken met strop om de hals

ƒ 104

Onthoofden

ƒ  92

Geselen

ƒ  46

 

(Enkele bedragen met halve guldens zijn afgerond naar boven.)

Wat me verbaast aan dit tarievenlijstje voor de Ommelander scherprichter uit 1729, is dat onthoofden zo goedkoop was en ophangen zo duur. Onthoofden was een straf die niet onteerde en maar zelden werd toegepast, en dan uitsluitend op mensen uit de hogere standen. Schorriemorrie uit de heffe des volks liet men gewoonlijk bungelen aan een touw. Dat was routine, als je de frequentie vergelijkt met die van onthoofding.

Op zich maakte de eigenlijke handeling qua kosten niets uit, zo leren de specificaties achter deze bedragen. Zowel het decapiteren als het ophangen bracht de scherprichter op zich 12 gulden op. Hier kwamen veel kosten bij, voor een groot deel ook weer standaard, zoals de reis- en verblijfkosten van de beul en twee knechten gedurende drie dagen, het bouwen en weer afbreken van het schavot enz. De bedragen gingen uiteenlopen door specifiek bijkomende materialen en handelingen, zoals bij een ophanging het touw, het richten van een ladder en het in kettingen hangen van een lijk, of bij het radbraken de bijl en de knuppel en het zetten van het hoofd op een paal.

Naast dit stukloon, dat hij in voorkomende gevallen bij Ommelander rechtstoelen verdiende, genoot de scherprechter nog een vast traktement van 200 gulden ’s jaars. Hij was tevens scherprechter in de stad en bij de provincie, waar hij soortgelijke bedragen zal hebben verdiend. Al met al moet hij heel aardig hebben geboerd. Tegelijkertijd echter, oefende hij een infaam beroep uit en zou hij buiten de samenleving staan.

Naschrift 30.4.2014:

De Amsterdamse beul was duurder.

Advertenties

6 reacties on “De tarieven van de beul (1729)”

  1. Emigrant schreef:

    Knuppel, bijl en kettingen konden meermaals worden gebruikt; dat gaf misschien gelegenheid tot gesjoemel met declaraties?
    Infaam of niet, bij het onthoofden kon een beul laten zien wat hij waard was. Onthoofden met een zwaard vereist echt vakmanschap.

    • groninganus schreef:

      Dat laatste klopt! Omstreeks 1680, 1690 sloeg een Groninger beul (mr. Van Gorcum) mis en moest hij nog een keer slaan. Dit veroorzaakte enorme verontwaardiging bij het publiek en de man, al vrij bejaard meen ik, moest zelf voor zijn leven rennen. Na dit geval werd hij ook ontslagen.

      Wat betreft de declaraties – ik krijg de indruk dat de Ommelander richters voortaan lump sum voor bepaalde bepaalde handelingen van de scherprechter moesten betalen. Dat de specificaties erbij staan, is omdat het Ommelander bestuur wilde weten hoe de bedragen waren opgebouwd. Voorheen was er mogelijk wel eens twijfel aan de declaraties van de beul.

      Het infaam zijn van de beul, zoals elders vastgesteld, is in Groningen voor discussie vatbaar. Als zijn vrouw ten avondmaal ging, moest ze helemaal achteraan de vrouwenrij aansluiten. Maar ik kwam ook eens tegen, zo ongeveer 1640, dat mr. Havestadt woordvoerder van zijn buurt was (de buurt van de beulstoren). Uit hoofde van zijn functie mocht hij ook een kroeg beginnen, zonder aan bepaalde verplichtingen te hoeven voldoen.

  2. Ernest DuBois schreef:

    Dit is op Working With Axes herblogd.


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s