Een Oldambtster helleveeg

Scheidingen waren rond 1800 tamelijk zeldzaam, maar meestal was het de vrouw die de scheiding aanvroeg en dat dan wegens drankzucht van de man, die zijn handen vaak ook niet thuis kon houden. Een scheiding aangevraagd door een man kwam veel minder vaak voor. Als een man van zijn huwelijk af wilde, nam hij gewoon de benen. Een vrouw deed dat niet, die had doorgaans ook de zorg voor de kinderen.

Een man die wèl scheiding aanvroeg, was Hindrik Harms, in november 1803. Ruim twintig jaar eerder trouwde hij met Aaltje Hindriks. Ze bleek “van een zodanig ongemakkelijk humeur”, dat het hem al vanaf het begin van hun trouwen onmogelijk was, “om met haar in vrede te kunnen leven”. Al twee maal eerder kwam hij met klachten bij de drost, “démarches” die er telkens op uit draaiden dat zijn vrouw beterschap beloofde, zodat “de samenwoning op de goede beloften is gecontinueerd”.

Desondanks kwam het nu weer zo ver. Hindrik vertelde dat hij ”thans niet meer magtig” was

“om zijn eigen geld te bewaren, daar zijne huisvrouw altijd middelen weet, om hetzelve magtig te worden en het dan verbrengt zonder eenige rekenschap te willen doen. Buiten en behalven dat hij suppliant dagelijks van zijn huisvrouw niet anders ondergaat, dan ongegronde verwijten, scheldwoorden en dreigementen, die, indien zij door den suppliant met dezelfde hevigheid wierden gereciproceerd, niet anders dan de fataalste gevolgen na zich zouden slepen.”

Inmiddels had “een lange ondervinding” hem wel geleerd dat ze onmogelijk vredig samen konden leven. Daarom vroeg hij de drost ootmoedig om hem van zijn vrouw te scheiden.

De drost wilde eerst beide partijen eens horen. Na die zitting, op 23 november 1803, ging hij toch nog wéér eens proberen of ze niet tot een “minnelijke cohabitatie” verleid konden worden,

Deze proef viel niet naar genoegen uit, integendeel, want het werd nog erger dan het al was. Daarom sprak de drost op 18 juni 1804 inderdaad de scheiding van tafel en bed uit. De goederen van beide incompatibele echtelieden werden verzegeld, geïnventariseerd en verdeeld.

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 731 (gerechten Oldambt) inv.nr. 6973: samengevatte rekesten met de kantbeschikkingen daarop, 1804-1805.

Advertenties

One Comment on “Een Oldambtster helleveeg”

  1. Wieneke schreef:

    Twee onverenigbare karakters dus……. Dat komt nu zo vaak voor, dat je niet snapt dat mensen nog willen trouwen. Wonen ze eerst tien jaar samen, gaan dan toch trouwen en binnen een jaar een scheiding. Pas nog zo’n gevalletje meegemaakt. Ik kan er niet bij, hoor.


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s