Jacobje en Pieter, een Oldambtster liefdesgeschiedenis

Eind januari 1805 vervoegden zich Pieter Hindriks van der Wal en Jacobje de Muinck in de drostenborg te Zuidbroek. Ze gaven er het gerecht te kennen dat ze

eene oprechte genegenheid voor elkanderen gevoelende, zich onderling trouwbeloften hebben gegeven, in het vast vertrouwen dat dit haar engagement bij de wederzijdsche familiën, in allen opzigten zouden worden geagreëerd (= goedgekeurd)”

Maar dat bleek een vergissing, want tot hun “innig leedwezen” hadden ze moeten ondervinden dat Jacobjes voogden, te weten Tonko Barlagen, Harm Ayolts Boer, en de zijlvest Luiken Egges,

weigeren, of ten minsten aarzelen om aan haar hunne toestemming tot een huwelijk (…) te geven.”

Tonko Barlagen, uit Scheemda, was oom van vaderszijde van Jacobje en Harm Ayolts Boer, van Meeden, de oom van moederszijde. Ook de vreemde voogd, van buiten de familie, Luiken Egges , was kennelijk tegen het huwelijk gekant. Zijn functie van zijlvest (namens Scheemda en Nieuw-Scheemda) bij het Termunterzijlvest laat alleen al zien dat Jacobje tot de toplaag van de Oldambtster samenleving behoorde.

Jacobje was in 1787 in Scheemda geboren als dochter van Bouwo Marcus de Muinck en Eetje Aijolts en dus nog maar zeventien jaar oud op het moment dat ze zich verloofde. Haar vader kwam uit een eigenerfde boerenfamilie in Scheemda, haar moeder uit eenzelfde geslacht in Meeden. Na daar getrouwd te zijn in 1784, betrokken zij een boerderij in Scheemda, waar in 1785 eerst een zoon geboren was. Die oudere broer en Jacobje werden halfwees in 1793, toen hun vader overleed. Omdat hun moeder bijna anderhalf jaar later hertrouwde met een boer uit de Landschapspolder in Oost-Friesland, werd er een boedelinventaris opgemaakt. Deze bestond louter uit roerende goederen. Toch laten de vier boerenwagens, de vier ploegen, het overdekte rijtuig, de sjees, de acht paarden, de 2500 gulden aan gedorst en ongedorst koren en de maar liefst 29.000 gulden die Jacobje en haar broer toegewezen kregen, er geen twijfel over bestaan dat we hier met een vermogend boerenmilieu te maken hebben. Het onroerend goed mocht dan voorlopig teruggaan naar de wederzijdse familie, later kregen de Jacobje en haar broer alsnog de ouderlijke boerderij terug. Deze lag “oostert in de Scheemda” en er hoorde 114 deimt (ruim 51 hectare) “best groen- en bouwland te veen en te velde” bij, welk vastgoed los in zesjarige termijnen werd verhuurd.

Of Jacobje met haar moeder meeging naar Oost-Friesland is onbekend. In 1805 woonde ze officieel echter in het Oldambt. Waar is onbekend, maar waarschijnlijk bij haar grootmoeder Tetje Harms, de weduwe van Aijolt Tonkes in Meeden. Over haar verloofde Pieter Hindriks van der Wal kom je veel minder te weten, maar die was eerder, in 1801, op de Pruissische of Landschaftspolder getrouwd met een vrouw uit Bonda (Bunde) en dus waarschijnlijk weduwnaar, toen hij en Jacobje zich engageerden. Ze zullen vast in die Oost-Friese omgeving kennis met elkaar hebben gemaakt.

In elk geval was er qua staat en stand geen sprake van een mesalliance. Pieter en Jacobje waren er bij de drost namelijk van overtuigd,

“dat er tegen hun voorgenomen huwelijk noch uit hoofde van verschil in jaaren of conditie, noch uit eenige andere hoofde eenige bezwaren kunnen worden ingebragt”.

Ook zou dat huwelijk “niet onaangenaam” zijn aan Jacobjes (verdere) familie. Daarom verzocht het paar de drost om de zaak in onderzoek te nemen, door beide partijen te horen.

Ruim drie weken later waren de voogden nog steeds niet klaar met hun antwoord. Meermalen werd de zaak op hun verzoek uitgesteld. Pas op 23 april was het zover, dat ze voor het gerecht hun redenen konden geven voor de weigering, in te stemmen met het voorgenomen huwelijk van Jacobje en Pieter.

Ze verklaarden dat Jacobje nog maar achttien jaar oud was en dus nog minderjarig. Ze had zich verloofd “zonder hunnen voorkennis of consent” en achteraf konden ze niet gedwongen worden om tegen hun zin toestemming voor het huwelijk te geven. Hierbij beriepen ze zich op verschillende wetsteksten, vooral uit het Oldambtster landrecht, maar ook uit de stadsconstitutie (het Oldambt viel nog onder de stad). Omdat Jacobje zich op dat moment in Oost-Friesland bevond – kennelijk was ze het Oldambt ontvlucht – eisten ze dat Jacobje zich eerst weer naar haar “geboorteland” zou begeven, om zich onder hun toezicht te plaatsen. Daarna kon Pieter dan alsnog hier om hun toestemming komen vragen.

Mochten Jacobjes voogden hopen dat hun beroep op wetsteksten de doorslag zou geven, dan kwamen ze bedrogen uit. De hoorzitting, zo overwoog de drost, was namelijk bedoeld om hun bezwaren tegen het huwelijk te vernemen. En “wettige redenen van de weigering” had hij niet gehoord. En omdat hij met de “summa tutelo” of de oppervoogdij in het Oldambt belast was, en volgens de voogden ook zelf mocht besluiten “zoo als ter bevordering van het geluk der pupille zal bevonden worden te behooren”, besloot hij ook nog maar even “de naaste vrienden” van Jacobje te horen. Onder vrienden moeten we hier familie verstaan – blijkbaar was er nog andere familie in het geding, dan beide mannelijke voogden van vaders- en moederszijde.

Die andere familie, zo bleek op 4 mei, bestond louter uit vrouwen. En die dachten nogal verschillend over de kwestie. Siwerdina de Muinck, de vrouw van Simon Abels, en Jacobje (= Jacoba) de Muinck, de vrouw van voogd Tonko Barlagen, verklaarden dat zij hun toestemming voor het huwelijk weigerden,

“voornamelijk omdat zij daarin niet vooraf en naar behoren waren gekend, en zich dus niet genoegzaam naar den persoon van P.H. v.d. Wal hadden kunnen informeren”.

Ook deze tantes van vaderszijde volstonden dus met een formele reden: Jacobje had voor haar verloving om toestemming moeten vragen en niet achteraf. Tegenover deze beide “volle moeijen” van Jacobje, stonden echter een andere tante, te weten Bouke Aijolts, de vrouw van Jurjen Pieters, en de grootmoeder van Jacobje, namelijk Tetje Harms, de weduwe Aijolt Tonkes. Van deze beide verwanten van moederszijde werd er in de nieuwe hoorzitting “een schriftelijk consent tot het huwelijk” getoond.

Vaderskant wilde dus niet en moederskant wel instemmen met het huwelijk. Waarschijnlijk gaf vooral die grootmoeder de doorslag. Overwegend dat de voogden zich “in geen detail van redenen” wilden uitlaten over hun weigering, maar zich louter beriepen “op de letter van de wet”, hoewel de procedure juist op hun verzoek zo lang duurde omdat zij hun weigering verder hadden willen motiveren; bovendien overwegend dat er tegen Jacobjes verloofde “noch ten aanzien van zijn persoon en morele qualiteiten, nog ten opzigte van zijne conditie en omstandigheden” iets was ingebracht; en ten slotte overwegend dat Jacobjes grootmoeder en de ene tante wèl hun toestemming voor het huwelijk gaven, besloot de drost, in deze zaak als oppervoogd optredend, het ontbrekende consent van de voogden aan te vullen, en om Jacobje de Muinck te machtigen tot de voltrekking van haar voorgenomen huwelijk met Pieter Hindriks van der Wal.

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 731 (gerechten Oldambt) inv.nr. 6974: samengevatte rekesten met de kantbeschikkingen daarop, 1805-1806.

Advertisements

5 reacties on “Jacobje en Pieter, een Oldambtster liefdesgeschiedenis”

  1. Kees de Bruin schreef:

    Ik lees dit soort stukken altijd bijzonder graag Harry. Mag ik vragen hoe je tot bijvoorbeeld deze onderwerpkeuze bent gekomen?

  2. Emigrant schreef:

    Oh, gelukkig! Ik leefde bij het lezen echt mee met dit jonge paar, en is het goed afgelopen.

  3. Leon schreef:

    @Gelkinghe hier zit toch een grote link met de Fam Tonkes die ging, naar verluid, in de 18e eeuw door voor de rijkste boerenfamilie van het Oldambt. Ze waren overigens vermaard om hun neiging tal van gerechtelijke processen aan te spannen……Hun boerderij is te vinden naast de grode kerke in Meeden, daar tegenover staat een pracht rentenierswoning ook van hun. Een van de telgen Tonkes namelijk Ayolt Menses Tonkes was een vermaarde liberaal, als hij niet in 1848 was gestorven had hij in plaats van Jan Freerks Zijlker goede kansen gehad om kamerlid te worden……Het gehucht Tonkesoord op de grens van Meeden en Westerlee is er ook van afgeleid….Maar dit terzijde boeiend verhaal!


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s