Gemor en ongenoegen op het Wildervankster kerkhof

Op het kerkhof van Wildervank was de spanning soms om te snijden, in 1805. Dat kerkhof lag bij de hervormde kerk, maar er werden ook wel katholieken begraven. Vroeger, namelijk voor de Bataafse revolutie van 1795, toen de Hervormde Kerk nog de bevoorrechte was, werd er dan louter door de hervormde diakenen gecollecteerd. Hun armenfonds gold immers als het algemene, ook voor bijvoorbeeld katholieken die eerst niet bij het eigen kerkgenootschap terecht konden. Maar de laatste jaren zetten de katholieke armvoorstanders van Veendam en Wildervank zèlf een bekken of schaal neer, waarin de nabestaanden en andere bijwoners van een katholieke begrafenis hun liefdegaven konden doneren. En dat zette kwaad bloed, vooral als de hervormde diakenen afwezig waren en hervormde klokkenluiders (buren van de dode) als hun plaatsvervangers het hervormde bekken op het kerkhof plaatsten. Dan stonden er immers twee armenfondsen elkaar concurrentie aan te doen.

Omdat ze later niet het verwijt wilden krijgen hier nooit iets aan te hebben gedaan, besloten de hervormde diakenen zich te wenden tot de drost. In hun rekest meldden ze, dat

“nu en dan tusschen de beide dissenten, gemor en ongenoegen ontstaat, hetwelk tot nog toe wel niet tot dadelijkheden is uitgebarsten, maar egter te vrezen staat dat zulks op een of ander tijd daartoe mogte geraken en waar door toch niets dan haat en vijandschap konde, ja gewisselijk zoude geboren worden.”

De hervormde diakenen wilden verder niet ingaan op het recht van de katholieken om te collecteren, maar vroegen de drost onderdanig om zijn tussenkomst “ter behoud van rust en voorkoming van verder onaangenaamheden”. Graag zagen ze dat hij beide partijen zou horen met het oog op een gezamenlijke regeling, en mocht die er niet komen, dan wilden ze graag dat de drost zelf de knoop ging doorhakken.

De drost hoorde beide partijen binnen een week, om precies te zijn op 5 november 1805. Maar hij kon ze niet tot de gewenste “provisionele minnelijke schikking” brengen. Een besluit nam hij echter ook niet. Volgens hem hoorde de kwestie eigenlijk niet thuis bij zijn gerecht. De klagers, zei hij, moesten zich tot de daartoe bevoegde macht wenden. Welke macht dat was, liet hij in het midden, althans dat schreef hij niet op, maar mogelijk zijn in de archieven van het gewestelijk bestuur en/of de landelijke overheid soortgelijke, maar iets later gedateerde rekesten uit Wildervank te vinden.

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 731 (gerechten Oldambt) inv.nr. 6974: samengevatte rekesten met de kantbeschikkingen daarop, 1805-1806.

Advertenties

One Comment on “Gemor en ongenoegen op het Wildervankster kerkhof”

  1. Wieneke schreef:

    De concurrentieslag tussen twee armenfondsen….. en ik maar denken dat de mensen tegenwoordig steeds gekker worden 🙂


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s