De dijkcoupures van de Oostwolderpolder

KONICA MINOLTA DIGITAL CAMERA

Dijkcoupure Stadspolder.

De dijkcoupure is een soort icoon van Groningerland, en dan vooral van de strook bij de Waddenzee die uit polders bestaat. Zo’n gat in de dijk, gemaakt voor een weg, doorbreekt niet alleen de beslotenheid van een polder en het continuüm van de haar beschermende dijk, maar ze stelt ook gerust: hier is in principe geen gevaar meer te duchten en mocht de nood aan de man komen, dan dichten we dat gat onmiddellijk met de balken uit het belendende schotbalkenhuisje.

Zolang er dijken uit de actieve dienst zijn genomen, maar nog wel werden aangehouden voor de achterwacht, als ‘slapers’, hebben de dijkcoupures symbool gestaan voor hun gemankeerde staat. Een optimistisch symbool: hier zou het water niet meer zo gauw komen, op deze plek brak een nieuwe wereld baan.

Hoewel de dijkcoupure dus een soort icoon en symbool is, weten we weinig over het ontstaan ervan. Dat dit meer voeten in de aarde had, dan je zou denken, blijkt impliciet uit een tweetal rekesten over de eerste dijkcoupures in de Oostwolderpolder die vanaf maart 1769 werd aangelegd.

Over deze indijking ging een commissie, gekozen door de gezamenlijke kweldergrondeigenaren. Namens deze “ gecommiteerde volmachten tot de anstaande indijkinge” ging de heer Wiardus Siccama, burgemeester van Groningen en eigenaar van de Ennemaborg en veel kweldergronden, niet lang na de start van de nieuwe dijkaanleg naar de Oldambtster drost, om een dubbele doorsteek in de oude, nu overbodig wordende Dollarddijk van 1701 te bepleiten.

Siccama vertelde de drost eerst hoe hij en zijn consorten genoodzaakt waren

“wegens de grote uitstrek der angewassene in te dijken landen deselve met een bequame weg te voorsien, dienende teffens voor een publijcque passagie voor de reisende man.”

Maar omdat de nieuwe polder zich helemaal uitstrekte van de Goldhoorn bij Finsterwolde tot Midwolderhamrik (= Nieuwolda), kruiste de gewenste weg zowel bij Oostwold als bij Midwolderhamrik de oude dijk. Vandaar het verzoek aan de drost, om die dijk op die plekken deels af te mogen graven, waarbij Siccama als maten van het graafwerk aangaf 5 voet diep en 14 voet breed (ca. 1,5 m x ca. 4,2 m), “om te dienen tot een doorvaart”.

Op 8 mei 1769 sprak de drost echter uit, dat hij eerst zelf de zaak ter plaatse in ogenschouw wilde nemen, en dat samen met de volmachten of dijkrichters van de kerspelen Oostwold en Midwolderhamrik.

Uit de rekesten blijkt verder niet of dit inderdaad gebeurd is, maar twee jaar later, in mei 1771, komt de zaak van de dijkcoupures in de Oostwolderpolder opnieuw aan de orde. Dan is het niet langer de inpolderingscommissie die er achteraan zit, maar zijn het volmachten van Oostwold, Finsterwolde en de Oostwolderpolder die zich in de drostenborg laten vinden, waar ze ingaan op de hachelijke toestand van de dan nog in gebruik zijnde dijkpassages:

“dat tot nog toe over de dijk een soorte van een sogenaamde tuimeldrift hebben, om na de nieuwe ingedijkte landen, boven vermelt, te komen, dog dit niet zonder gevaar konnende geschieden waardoor veel ongelucken zijn gebeurt en nog meer te vresen staan…”

Met tuimeldrift werd gewoonlijk een furieuze woede beschreven, maar dat is hier dus niet het geval. Zoals de term hier gebruikt is, bleek uniek. Ik vond geen enkel equivalent en ook geen woordenboekverklaring. Toch kan ik me wel iets bij dat tuimeldrift voorstellen: een weg parallel aan de dijk oplopend tot diens kruin en aan de andere kant gelijkelijk aflopend tot aan diens voet. Tuimeldriften in die zin zijn er nog steeds, bijvoorbeeld bij Delfzijl. Die van 1771 zullen echter vrij wat krapper bemeten zijn geweest, vandaar dat een wagen er vrij gemakkelijk op omsloeg, zeker als je in aanmerking neemt dat de dijk van 1701 veel steiler was, dan de later aangelegde. Om ongelukken in het vervolg te voorkomen, vonden de volmachten van Oostwold, Finsterwolde en de Oostwolderpolder het hoogst noodzakelijk

“op een directer en meer gemakkelijker wijse over de dijk na deze landen convenientis een ander en bequamer doorvaart te maken,”

wat niet zonder toestemming van de drost als kolonel-dijkgraaf kon. Die hield nu dan (eindelijk?) een “oculaire inspectie”, maar niet, zoals je zou verwachten, met de volmachten van Oostwold, Finsterwolde en Oostwolderpolder, maar met de dijkrichters van Zuidbroek en Eexta. Mogelijk waren deze kerspelen uit het achterland hier vanouds verantwoordelijk voor dijkonderhoud en was er over hun inbreng bij de coupures proces geweest, hetzij voor het Termunterzijlvest, hetzij voor de drost in Zuidbroek, hetzij bij de Hoge Justitiekamer in de stad Grtoningen.

Hoe dan ook, uitdrukkelijk schreef de drost in zijn beschikking, dat hij met instemming van genoemde dijkrichters vergunning verleende om onder Oostwold en Oostwolderhamrik

“twee doorvaarten over en door de oude Dullaerdtdijk te mogen maken, beide correspondeerende op de nieuwe angelegde weg zig uitstreckende over de polder.”

Van de breedte der gewenste dijkcoupures haalde hij echter twee voet af. Er mocht dus wel vijf voet grond van de kap der oude dijk afgegraven worden, maar anders dan de heer Siccama een paar jaar eerder wenste, bleef dat beperkt tot een breedte van twaalf voet. Ook trof de drost een voorziening voor het geval dat de nood aan de man mocht komen:

“mitz nogthans dat die twee dijkgaten van terzijden met genoegsame sware greinen posten sufficant en hegt zullen moeten worden bekledet en verders met vaststaande balken en losse tezamen passende grenen posten worden voorsien, welke losse posten genumert in de naast bestaande behuisingen zullen moeten worden bewaart, om ingevalle van sware stormen en hoge zeewateren tusschen de vaststaande balken in de dijkgaten op de kant te worden gesettet en met mest angevult [om] in cas van noodt te konnen dienen tot keringe der zoute vloeden.“

Er was dus nog geen sprake van schotbalkenhuisjes. Het vulhout moest worden bewaard in de meest nabij gelegen huizen. Ook komt mest als stouwmateriaal nu misschien wat vreemd voor. Maar verder gaat het om bekende regelingen, die nog heel lang hebben bestaan en misschien nooit zijn afgeschaft.

Over de kosten van aanleg en onderhoud sprak de drost zich ook uit. Hierover was mogelijk proces geweest met die van Zuidbroek en Eexta. Uitdrukkelijk bepaalde de drost dat de kosten niet voor rekening zouden komen van de kerspelen die hier dijkpanden in onderhoud hadden. Alleen degenen onder Oostwold en Oostwolderhamrik, “die zulks incumbeert”, moesten de coupures maken en onderhouden. Met die ‘geïncumbeerden’ bedoelde de drost degenen die voor de dijkgaten hadden geijverd, maar wat dat betreft negeerde hij Finsterwolde. Blijkbaar achtte hij het belang van dat kerspel bij de nieuwe coupures te gering.

Overigens bestaan de dijkcoupures van de Oostwolderpolder allang niet meer. Met het slichten van de oude dijk zijn ze verdwenen. Op beide foto’s staan dus andere dijkcoupures.

2014-07-17 098

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 731 (archief gerechten Oldambt) inv.nr. 6123.

Advertisements

5 reacties on “De dijkcoupures van de Oostwolderpolder”

  1. Mooi verhaal een stukje geschiedenis achter die dijkcoupures. Ik blijf het erg mooie en vooral ook fotogenieke landschapselementen vinden. In het uiterste noordoostelijke puntje van Fryslân liggen er ook nog een paar.

  2. H.Torenbeek schreef:

    Weer wat geleerd.
    Ik fantaseerde altijd dat er een soort zware schuifdeur van beide kanten in die opening werd geschoven….met de punt gericht naar het aankomende water. Zoals een sluis 🙂

  3. aargh schreef:

    Mooi systeem. Ik neem aan dat de in de omgeving wonende mannen ingevalle van sware stormen en hoge zeewateren verplicht waren om te helpen met het plaatsten van de balken? Een zware klus lijkt me.
    Tuimeldrift klinkt energiek. Ik zal eraan denken als ik weer eens de monnikenloop doe op Schiermonnikoog, aan het einde ga je schuin de dijk op en dan linksom aan de andere kant weer eraf, daarna volgt de laatste kilometer richting dorp. Alleen al het woord tuimeldrift jaagt je de dijk op 🙂


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s