Beurtschippers in de fout

In 1773 werd Philippus Coenraads (73) betrapt. Hij was geboren in de stad Groningen, maar woonde even over de Drentse grens in Paterswolde. Al zo’n 26 of 27 jaar was hij, naar eigen zeggen, vrachtschipper van Paterswolde op Groningen geweest. Op vrijdag 16 april kwam hij met zijn schip, waarop zijn zoon met hem meevoer, over het Hoornsediep tot vlakbij de stad gevaren, toen het – zeg maar ter hoogte van het huidige Cascadeplein – werd aangehouden door enkele Landsbedienden.

Of Coenraads iets aan te geven had? Nee hoor! De Landsbedienden geloofden hem niet, lieten hem aanleggen, kwamen aan boord, doorzochten het schip en vonden twee zakken met samen de aanzienlijke hoeveelheid van 100 pond snuiftabak, en nog een zak met 10 pond gesneden rooktabak. Er zaten niet, zoals gebruikelijk, labels met afzender en adressanten aan de zakken. Of Coenraads wist wie al die tabak aan boord gebracht had? Nee, dat zou hij niet weten. Of hij dan wist wie het in de stad zou komen afhalen? Nee, ook dat was hem onbekend. Intussen riep zijn zoon naar een man die achter het schip aan had gelopen, ene Harm Harms Broer uit Paterswolde, of die misschien het aangiftebewijs voor de tabak bij zich droeg? Nee, riep Broer terug, dat papiertje bevond zich bij het belastingkantoortje in Haren.

De Landsbedienden, van het vasthoudende soort, stuurden iemand naar Haren om daar navraag te doen. Die kwam weerom met de mededeling dat er in Haren geen Harm Harms Broer was geweest om tabak aan te geven. Conclusie: de vanuit Drenthe ingevoerde tabak kon op geen enkele manier worden verantwoord. Daarom werden Coenraads en zijn zoon aangehouden. De zoon echter, sprong subiet in het Hoornsediep, zwom naar de overkant en ontkwam zo naar Drenthe.

Het schip werd uiteraard opgelegd en de smokkeltabak in beslag genomen. Nadat de vader vanuit herberg De Slingerij, waar hij eerst werd vastgezet, overgebracht was naar de provinciale gevangenis, verhoorde de fiscaal (aanklager) hem. Philippus Coenraads beweerde dat hij weinig van de zaak afwist omdat hij het schip aan de bij hem inwonende zoon Roelf Philippus had overgedragen. Reden voor de heren van de provincie Stad en Lande om hun Drentse collega-bestuurders “vriendnabuirlijk” om uitlevering van de zoon te verzoeken, teneinde “de waare geschapenheid van zaaken te kunnen ontdekken”. Eind mei bleek dat de Drentse heren het Groninger verzoek van de hand wezen, omdat ze wettelijk geen Drentse ingezetenen mochten uitleveren “bij delicten die in Drenthe door geldboetens kunnen worden gezuivert”. Vandaar dat GS van Stad en Lande Roelf Philippus per “edictum ad valvas” indaagden. In zo’n geval kwamen er overal aanplakbiljetten te hangen, met het verzoek aan de zondaar om zich vrijwillig te komen melden.

Dat gebeurde niet. Wèl diende de vrouw van Roelf Philippus, Aaltje Jacobs, medio juni een rekest in, waarin ze bevestigde dat de smokkelwaren “door haar man buiten schuld van zijn vader in het schip waren ontfangen”. Uit hoofde van “haare bedroefde en sobere omstandigheden met zeven kinderen” vroeg ze om de vrijlating van haar schoonvader, opschorting van de procedure tegen haar man, en een schikking.

Hier hadden de Groninger heren wel oren naar. Als Aaltje en haar man, naast de proceskosten, een boete betaalden van maar liefst 250 gulden (bijna twee jaarlonen), dan zou GS van Stad en Lande hun schip weer vrijgeven en de zaak afdoen met een vonnis waarbij Philippus Coenraads louter het voorarrest als straf zou worden opgelegd.

Aldus gebeurde, al gingen er wel enige weken overheen voordat Aaltje en haar man het bedrag bij elkaar hadden. Na twee maanden gevangenschap kwam hun vader op vrije voeten. Wegens diens hoge ouderdom streken de Groninger heren de hand over het hart, zo zeiden ze in het vonnis. Philippus Coenraads kreeg nog wel de ernstige waarschuwing voortaan niet weer te smokkelen, of dat er anders heel andere maatregelen zouden worden genomen.

Bronnen: RHC Groninger Archieven, Toegang 1 (archief Staten van Stad en Lande), de inventarisnummers

  • 1352 (sententiesboek GS) het vonnis d.d. 23 juni 1773;
  • 195 (Actenboek GS) resoluties d.d. 16, 17, 27 april, 26 mei en 22 juni 1773;
  • 418 (uitgaande missives) 29 april 1773;
  • 236 (ingekomen missives) 22 mei 1773.

Deze tekst is aangevuld met de procesvoering tegen de zoon en daarmee herzien op donderdag 9 maart 2017.

Advertenties

6 reacties on “Beurtschippers in de fout”

  1. lottifuehrscheim schreef:

    Lijkt me dat je niet veel te vervoeren hebt vanuit Paterswolde als je niet naar Groningen mag.

    Verder dan Schipborg kom je volgens mij niet.


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s