Rot op met je echte dit of dat

Gister had ik een vervelende aanvaring op Twitter, vooral doordat ik te snel hapte. Ik sloeg aan op “èchte Noorderlingen” ­­­­­­­– in de ogen van enkele voorstanders van vliegveld Eelde waren alle “echte Noorderlingen” namelijk voor verdere uitbreiding van vliegveld Eelde. Met andere woorden: als je daartegen bent, hoor je er niet bij. Volgens deze lui moeten nog tientallen lijnen van prijsvechters bijkomen. Leve de bulderbaan voor vluchtige passanten naar vakantiebestemmingen, die juist het kalme toerisme van verblijfsrecreanten uit Noord-Drenthe wegjaagt en de boel op den duur onleefbaar maakt.

Het zichzelf als “echte” dit of dat benoemen, is een gratis lintje dat men zichzelf opspeldt, om daarmee een aristocratische status te verkrijgen waarvoor men helemaal niets heeft hoeven doen. Iemand die dat als argument in een maatschappelijke discussie hanteert, is uit op uitsluiting. Alleen de status “echt” geeft zeggenschap, andersdenkende “import” moet zijn bek houden.

Dit speelde al in het dorp waar ik geboren en getogen ben, namelijk Havelte, toen daar vanaf ongeveer 1970 steeds meer mensen van buiten kwamen wonen, vaak mensen uit het maatschappelijk middenveld – artsen, leraren – die ook beter gebekt waren dan de autochtonen. Voor aardrijkskunde wilde ik er op de middelbare school een scriptie over schrijven, maar Jan Datema, de uit Peize afkomstige leraar die zelf “import” in Havelte was, wilde er niet aan. Jammer, want zo’n stuk had ik nu nog wel eens willen lezen.

Het speelde decennialang ook in de Groninger volkswijk de Oosterpoort, waar studenten de plek van de meeste (los) arbeiders en kleine zakenlui hadden ingenomen. Nog in de jaren negentig probeerde een oude middenstandster, mevrouw B., me in een verkeersdiscussie de mond te snoeren met de opmerking dat zij een èchte Oosterpoorter was. Met andere woorden: zij had recht van spreken en ik niet. Terwijl zij nooit ene flikker voor de buurt had gedaan, en ik me als buurtvrijwilliger 30 uur per week de benen uit het lijf liep.

Ook waar ik nu woon, in Hoogkerk, bestaat deze buitensluitende strategie door autochtonen. Als twee mensen met eenzelfde project bezig zijn, dan geeft een club van Hoogkerkers altijd de voorrang aan de persoon die ze vanouds kent, ook al heeft de nieuwkomer een beter verhaal.

Zo langzamerhand wil ik me er niet meer over stil houden. “Echte Hoogkerkers” mogen graag zwijmelen in nostalgie naar hun o zo prachtige gemeente die in 1969 jammerlijk opgeslokt werd door de intens gemene metropool Groningen. Waar je die “echte Hoogkerkers” nooit over hoort is dat Hoogkerk anders met het Westerkwartier zou zijn samengevoegd – of men daarmee beter af zou zijn, is zeer de vraag. Maar dat willen de mensen dus niet zien. Ze volharden liever in hun veel te rooskleurige voorstellingen van een gewaand paradijs, ruim een halve eeuw terug.

Overigens annexeerde Hoogkerk zelf Leegkerk, maar daar hoor je die Hoogkerkers natuurlijk niet over. Geheel ten onrechte staat het plaatsnaambord Hoogkerk helemaal voorbij Gravenborg, halfweg die wijk en de Koperen Jan. Dit bord hoort anderhalf kilometer zuidelijker te staan, bij de brug over het Kliefdiep, de oude kerspelgrens tussen Hoogkerk en Leegkerk. Aan de andere kant van de brug moet een bord Leegkerk komen te staan.


8 reacties on “Rot op met je echte dit of dat”

  1. Bert Visser schreef:

    Oke Harry. Je bent het kwijt. Klaar nu?

  2. Abelius schreef:

    Dat doet me goed. Als Fries in Groningen.

  3. Wieneke schreef:

    Een dwaallicht in Ruinen (Dr) zei mij eens bloedserieus, dat ‘ik me er maar moest invechten als ik bij de échte Ruiners wilde horen’. Diegene loopt nu – na meer dan 20 jaar – nog steeds met rode oren rond. Ik werd toen namelijk een beetje boos over deze malligheid. Mensen zijn af en toe gewoon knettergek, hoor.

  4. Harm schreef:

    Dat blauwe bordje met ‘Hoogkerk’ staat er volgens mij nog niet zo heel erg lang. Bij mijn weten stond er (voordat die nieuwbouwwijk was gebouwd) bij de entrees van Leegkerk, altijd een wit plaatsnaambordje met ‘Leegkerk’ er op, zoals je dat vaker ziet als je een buurtschap binnenrijdt. Waarschijnlijk vanwege de nieuwbouw, is de grens van de bebouwde kom ook opgeschoven en hebben de wijze heren van in Stad, er voor gekozen om er een blauw bordje met Hoogkerk er op, te plaatsen (ipv Leegkerk)..
    Heb zelf ook zo’n 20 jaar als import in Hoogkerk gewoond, maar herken die buitensluitende strategie die jij beschrijft, absoluut niet.
    Overigens heeft een annexatie door een stad, wel een geheel andere impact op de inwoners en hun ‘identiteit’ dan een fusie van twee gemeenten. Hoogkerk werd van een dorp, met een navenante identiteit, opeens een ‘stadswijk’. Logisch dat veel Hoogkerkers daar moeite mee hadden en nog hebben.

  5. aargh schreef:

    Breek me de bek niet open. Als geboren Limburger maar zonder bijbehorend accent liep ik daar ook vaak tegenaan.


Mijn gedachten hierbij zijn:

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.