Het effect van thuiswerken op ’t gasverbruik

Tegenwoordig krijg ik op onregelmatige tijdstippen in het jaar mijn jaarafrekeningen, maar met de maandelijkse verbruiksstaatjes is het verbruik ook naar kalenderjaar te becijferen en dat heb ik nu eens gedaan voor 2017 tot en met 2021, waarbij ik vooral benieuwd was naar het effect van het (onregelmatige) thuiswerken met ingang van medio maart 2020 op mijn gasverbruik. Dat ontwikkelde zich zo per jaar:

2017: 460 kuub

2018: 448 kuub

2019: 425 kuub

2020: 458 kuub

2021: 618 kuub

Het thuiswerken had in 2020 nog niet zo veel effect, maar zorgde in de wintermaanden vanaf december 2020 voor een vijfde à een derde deel extra gasgebruik, terwijl mijn verbruik in het voorjaar van 2021 zelfs verdubbelde, vergeleken bij voorgaande jaren. Meen dat er eind 2020 nog een aanbod is gedaan om de extra kosten van thuiswerken te vergoeden, maar daar heb ik van afgezien, omdat ik de 300 euro die geboden werd wat al te veel vond voor dat pak koffie dat er bij mij extra doorheen ging per week. Achteraf heb ik daar nu wel een beetje spijt van, al zou ik ook met doorberekening van het verbruikte gas nog lang niet aan die waarlijk genereuze som gekomen zijn.


Poet-in kan van mij de rambam krijgen (3)

De nieuwe cijfertjes omtrent mijn energieverbruik kwamen vandaag binnen:

In december en januari werd er aan stroom 84 kwh gebruikt, daar viel dus nauwelijks nog wat te winnen. Qua gas was er wel een substantiële bezuiniging: van 95 (december) naar 75 (januari) naar 57 kuub nu.

Zit qua stroomverbruik nog steeds op bijna de helft van het verbruik bij een gemiddeld eenpersoonshuishouden:

En qua gas zit ik nu op 39 % van een gemiddeld appartement. In december was dat nog 60 % en in januari 44 %. Hier zit dus nog progressie in. De gestegen gasprijs vang ik zo aardig op.


Demonstratie voor de vrijheid van Oekraïne

Redelijke, zij het geen overweldigende opkomst op de Grote Markt hier in de stad.


Poet-in kan van mij de rambam krijgen (2)

Mijn energieverbruik over januari dit jaar:

Qua stroom zit ik nu op 47 % van het verbruik van een gemiddeld eenpersoonshuishouden, qua gas op 44 % van een doorsnee appartement, in beide gevallen dus minder dan de helft.

Tevreden? Ja, tevreden.


Poet-in kan van mij de rambam krijgen

Met mijn geslonken inkomen (nu aow + klein pensioentje), de toenemende inflatie alsmede de door Poet-in opgedreven gasprijs leek een kleine bezuinigingsactie me wel raadzaam: voortaan binnen een dikke trui aan, temperatuur in de huiskamer overdag op 18,5 graden; geen apparaten en lampen aan laten als dat niet strikt noodzakelijk is.

Van de stroom heb ik zo nog een vijfde af gekregen, van het gas een tiende. Ik zit nu op 60 % van het gasverbruik van een gemiddeld appartement en 44 % van het stroomverbruik van een gemiddeld eenpersoonshuishouden. De Russische dictator kan van mij de rambam krijgen.

Naschrift eodam dato:

Mijn maandelijks voorschot bedroeg 64 euro. Alleen aan gas ben ik over december bijna 100 euro kwijt, die bezuinigingsactie was dus absoluut nodig! Binnenkort komt de jaarafrekening.


Monumentenwel & -wee in Tolbert en Marum

Gister zijn bij Fredewalda in Tolbert de oorlogsschilderingen op het betonnen mestbassin officieel opgeleverd. Ze vervullen een educatieve functie.

Luchtafweergeschut, in 1940 geplaatst bij de pastorie van Tolbert:

Katrijn Huizinga (1908-1990), die in de oorlog actief was voor de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers (LO) en het Nationaal Steunfonds Verzet. Op 30 juni 1944 werd ze bij een huiszoeking door Landwachters opgepakt en belandde via het Scholtenshuis en Kamp Vught in het vrouwenkamp Ravensbrück en het al even beruchte Dachau. De fiets waarmee ze haar illegale werk deed (zoals het verspreiden van buitgemaakte distributiemateriaal en illegale lectuur), was een Fongers:

Een onderduikershol:

Twee joodse kinderen uit het dorp, op weg naar een vernietigingskamp in Polen:

Helaas is enige educatie over de oorlog in het Westerkwartier wel nodig, gezien het feit dat er afgelopen weekend vernielingen zijn aangericht bij het oorlogsmonument dat bij Marum de herinnering aan enige gefusilleerde slachtoffers levend houdt. Zo te zien betreft het een belendend bankje, en niet het monument zelf. Dat het stuk ongeluk, dat hiervoor verantwoordelijk is, maar veroordeeld mag worden tot zoveel rondjes om de Tolberter mestsilo, dat hij levenslang draaierig blijft.


Nog maar een keer prikken dan?

Kreeg vandaag deze invitatie van het RIVM. Zou een verheugend bericht zijn, alleen: ik ben al dubbel gevaccineerd, met Pfizer, in de Martinihal, op precies zo’n uitnodiging. Ach, nog een keer laten prikken kan geen kwaad, toch?

Okee, ik zal het niet doen. Vraag me wel af hoe ik nu in de statistieken terechtkom: als gevaccineerde of als ongevaccineerde? En hoe zou dat zijn met al die anderen die zo’n overbodige uitnodiging kregen?


Dropkwark

Dat Limited edition is verleidelijk voor snobs, terwijl ”Durf jij ‘m aan?” de waaghalzen onder ons aanspreekt. Maar kom, laat me het maar eens proberen, straks is het van de markt af en kan het niet meer;

De bus bevat een beetje blauwige, of luchtmachtgrijze drab. Meen laurierdrop te proeven, maar bij de ingrediënten zie ik alleen zoethoutextract staan, naast “natuurlijke aromas” (en te veel suikerspul). Oordeel: aardig voor een keer, maar niet voor herhaling vatbaar. Cijfer: 6,5,


Koopavondstop

Twee opeenvolgende tweets in mijn tijdlijn die de actuele stand van zaken in de vaderlandse coronabestrijding aardig weergeven. Desnoods vergadert ons landsbestuur door tot Sint-Juttemis voordat men ’t Volk zijn laatste mismoedige verzetjes ontneemt:


Uit het hart gegrepen wenken

Ik was zondag kennelijk even over de Drents-Overijsselse grens geraakt, want bij Kallenkote trof ik dit prijzenswaardige bord van de gemeente Steenwijkerland aan bij een fietspad. Met naast het obligate gebod over de anderhalve meter een paar wenken die me uit het hart gegrepen zijn: fiets achter elkaar en haal alleen in als er ruimte genoeg is. Het gekke: verreweg de meeste mensen hielden zich eraan op de smalle fietspaden door de natuurterreinen hier. Stellen gingen achter elkaar fietsen bij een tegenligger in het verschiet, en men haalde niet in.

Kom daar eens om in Groningen. Ging net om iets over vieren naar de stad, me niet realiserend dat het scholierenspitsuur was. Meerdere trio’s naast elkaar, zodat er nauwelijks ruimte voor tegenliggers overschiet. Inhalen waar dat helemaal niet kan, met tegenliggers al vlakbij. En nu gebeurt dat nog met de fiets, maar straks zitten ze achter het stuur van een auto. Met het richting aangeven is het ook zo gegaan: eerst deden ze het al niet op de fiets, inmiddels doen ze het ook niet meer met de auto.

Als er geen Selbstzwang is, moet het van Fremdzwang komen.
Wat mij betreft met boetes als in Engeland.


AH-Erlebnis

Wil bij de AH, waar het tussen half negen en negen uur nog vrij rustig is, maar wel een bejaard echtpaar gezellig samen aan het shoppen is, na mijn race langs de schappen mijn kar terugzetten in het voorportaal. Zie echter net een vrouw (ca. 30) van buiten binnenkomen en denk: “Wacht maar even, Harry”.

Correcte intuïtie! Terwijl veel mensen de handvatten van hun winkelwagentjes desinfecteren, doet deze vrouw dat niet. Ze begint na het wegnemen van haar kar uit de karrenrij ook prompt en met overtuiging te niezen en doet totaal niets om verspreiding van haar niesdruppels in het voorportaal tegen te gaan. Houdt, als ze mijn afkeurende ponem ontwaart, wel schielijk een hand voor haar mond, in plaats van haar snufferd in een elleboog te begraven. Is vast bang dat haar suède jasje anders naar de stomerij moet.

Heb haar maar even voorgedaan hoe dat moet. Ze zag me wel, maar negeerde me natuurlijk. Waarop ik maar even heb gezegd hoe ik over haar dacht. Had haar beter beleefd en civiel kunnen vragen of ze dat nou ook doet waar haar vader en moeder bij zijn, maar zoiets bedenk ik helaas pas achteraf, op de fiets naar huis.

Vernam net via het nieuws dat de helft van het zorgpersoneel er de brui aan wil geven, uit angst voor een tweede golf. Nou die komt er geheid. Wat mij betreft maken we Engelsmanplaat gereed als kamp voor alle zultkoppen die het nu nog niet weten, sorry: die het niet willen weten. Mogen ze elkaar daar verzorgen. Voor de types die wadlopend terugkeren naar het vasteland verzinnen we dan nog wel iets.


Na de demo tegen onze gezondheid

Kwam om een uur of half zes langs het Stadspark, waar die demonstratie tegen de anti-coronamaatregelen was geweest. Op de Paterswoldseweg zag ik al een laatste gast. Hij had zichzelf in een Zuid-Afrikaanse vlag gewikkeld. Het werd ook al wat frisser. Op het hek bij de ijscoboer prijkte een karton dat een lied van Pisuisse aanhaalde:

Als je je niet door moordenaars op termijn wil verzuipen in de etter, dan ben je iemand die niet durft te leven. Lekker dan.

Dat durven leven komt trouwens vaak neer op ongebreideld zuipen. Niet voor niets zong Ramses Shaffy dat lied zo graag. Een eindje voorbij de plek waar de demonstratie had plaatsgevonden, trof ik dit tafereel aan. Op de prullenbak staat nota bene een sticker: If it doesn’t fit, neem dien aigen boudel mit. Een boodschap die duidelijk niet werd begrepen:


Sportschoolpipo zonder hasses

Trammelant in de supermarkt, bij de Poïesz ditmaal, vanochtend om ongeveer kwart over acht. Ik sta bij de broodafdeling achterin op mijn halve groffe volkoren te wachten, komt me een figuur van een jaar of dertig, veertig achterop met een overmaat aan biceps in een veel te strak shirtje. Hij lijkt qua gezicht warempel wel wat op Erik Hulsegge – al zal die veel minder gespierd zijn – en passeert tot mijn schrik zijn eigen supermarktwagentje om zich tussen mij en de broodcounter in te wringen en wat broodjes uit een glazen bak op de counter te pakken. Ik schiet uit mijn slof en schreeuw: “Kan je even afstand houden?” Dat wil hij duidelijk niet en komt nog dichterbij. Scheld hem uit voor zultkop en dat blijkt raak, want hij begint op 30 cm tegen me aan te blaffen. Dreigend:: “Wil je even buiten op me wachten?”. “Dat ben ik niet van plan”, zeg ik nog. Ik kijk even in mijn kar, constateer dat ik mijn boodschappen wel bij elkaar heb en stiefel naar de kassa, waar zich de volgende scène afspeelt.

Het blijkt dat hij me door de super achterna is gekomen en hij gaat bij de kassa opnieuw voorbij zijn eigen kar, nu om zijn broodje op de band te leggen. Andermaal komt hij zo binnen mijn anderhalve metercirkel en dat doet hij duidelijk expres. Op mijn herhaalde verzoek om op de vereiste afstand te gaan staan, suggereert hij dat ik niet eens weet wat anderhalve meter is. Heb hem dat maar even voorgedaan met mijn handen wijd uit elkaar. Dit maal probeert hij me te kleineren: “Je ziet er niet uit joh, je bent een idioot” enz. Wat alleen maar mijn eerste indruk versterkt: sportschoolpipo zonder hasses die dat compenseert met een fixatie op uiterlijk. Keer hem de rug toe, maar hij begint tegen me aan te rijden met zijn kar. Heb hem meermalen verzocht om afstand te nemen. Hij ging inderdaad een decimetertje achteruit en dat was dan het eind van deze scène. Enfin, iemand die duidelijk andermans ruimte niet respecteert. Zou me ook absoluut niet verbazen, als hij al een strafblad had wegens aanranding of een geweldsdelict.

O ja, achter hem stond een vrouw die vroeg of het wat zachte kon, er was een kind bij (haar eigen kind). Kwam er op dat moment helaas niet op, maar wat doet iemand in coronatijd nog met een kind in de supermarkt? Kinderen gelden nota bene als asymptomatische virusverspreiders. Met de kar naar de uitgang lopend, kreeg ik overigens nog wel een adhesiebetuiging van een oudere vrouw. Die voelde zich ook wel eens bedreigd.

Heb thuis de politie gebeld. Wilde aangifte van bedreiging doen, maar de politie gaat er niet achteraan, ondanks de aanwezigheid van videobeelden in de supermarkt (dat heb ik voor mijn politiebelletje nog even telefonisch bij de Poïesz gecheckt). Onderzoek hiernaar doen kost de politie veel te veel tijd, er zijn honderden van dit soort incidenten op een dag. “We kunnen niet alle regeltjes handhaven”, of woorden van gelijke strekking. Regeltjes, zei ze. De politievrouw verwees ook nog even naar burgemeester Van Halsema en die anti-racismedemonstratie van laatst waarbij de anderhalve meter afstand straal werd genegeerd. Blijkbaar moet je je als risicodrager – van mijn leeftijd krepeert 1 op 2 de bij een coronabesmetting – dan zelf maar bewapenen. Binnenkort naar Duitsland om eens te kijken naar pepperspray en/of een taser.

Geluk bij een ongeluk: als ik straks dankzij die knakker ziek word, kan ik wèl aangifte gaan doen, zei de politievrouw. Maar of de videobeelden uit de supermarkt er dan nog zijn?


Kruideniersmentaliteit blijkt coronabestendig

Omdat het brood er een stuk beter smaakt dan bij de buurt-Poïesz, haal ik mijn boodschappen liever bij de Albert Heyn aan de Zuiderweg hier in Hoogkerk, ook al is dat ruim twee keer zo ver fietsen. Een dikke week geleden hebben ze bij die AH de handkarrenhygiëne door het eigen personeel afgeschaft, en mag je de handvaten zelf schoonmaken. Wel staan er nog schoonmaakspullen standby.

Goed, ik poets daar in het voorportaal de handvaten van het winkelwagentje naar keuze schoon, probeer die kar uit de rij te halen en merk dat deze op slot staat. Afgelopen donderdag was dat ook al zo, maar toen stond er nog iemand wat verderop met een schaaltje vol plastic muntjes, waarvan je dan eentje uitgereikt kreeg. Nu stond zo’n persoon er ook niet meer en moest je dus een euro bij je hebben om je schoongemaakte kar los te krijgen. En dat terwijl er aangedrongen wordt op betalen per pin, wat ik ook al sinds half maart braaf doe, zodat ik sindsdien geen contant geld meer bij me heb. Natuurlijk staan er bij zo’n oponthoud meteen types in je anderhalve metercirkel met verbazend goede raad, waar je reuze om verlegen zit. Ik echter, had zo zwaar de balen dat ik al helemaal geen zin meer had in winkelen bij deze supermarkt. Ben dus meteen naar de Poïesz gefietst, toch maar. Dan maar wat minder lekker brood.

Bij de Poïesz stonden de wagentjes nog wel vrij uitneembaar klaar voor de klant, maar had men de handvatenhygiëne door het personeel inmiddels ook afgeschaft. Het goede voorbeeld van marktleider AH doet goed volgen. Je zou ook eens wat meer in extra service investeren dan je concurrent. Daar ga je vast kapot aan.

Als er iets is waar Nederland groot in is, en wat haar identiteit bijkans kenmerkt, moet het de kruideniersmentaliteit zijn. Mede dankzij de kniepstuvers onder de grootgrutters laait de corona straks fijn weer op. Mark my words!


“Corona bestaat niet! Ik heb het wel drie keer gehad!”

De gast zit me nog dwars in de kop. Het was maandag- of dinsdagavond bij de buurtsuper. Om de bekende reden ging ik er zo rond half zeven heen. Dan zitten mensen thuis te eten. Dan is het lekker rustig.

Goed, ik sta daar bij de kassa. Word ik vanachter aangetikt door een winkelkar. Ik kijk om en zie achter die kar een tiep van een jaar of veertig, vijftig, waarvan me vaag bijstaat dat ik hem wel eens eerder heb gezien. Hij bevindt zich te dicht me, ruim over zijn gele streep op de vloer. Hij zet zeven flesjes bier op de lopende band en kijkt me ietwat lodderig aan.

Ik verzoek hem zo beleefd maar dringend mogelijk of hij achteruit wil gaan: “Graag anderhalve meter afstand houden”. Achter hem mompelt een oudere man instemmend en maakt ruimte. Sloeber gaat inderdaad naar achteren: “Rustig maar….”

Ik keer me weer om naar de caissière. “Ja”, hoor ik achter me een stem zich verheffen, “Doe maar niet zo opgefokt, want corona bestaat helemaal niet!”.

Ik keer me weer om: “Corona bestaat niet ? Doe niet zo dom joh, volg jij het nieuws wel?”

Meteen besef ik dat ik dit niet had moeten doen. Hij heeft nu de volle aandacht van iedereen om ons heen en kijkt me triomfantelijk aan: “Nou bewijs dan dat het bestaat. Hoe weet je dan dat dat corona bestaat?”

Ik zeg: “Ik hou mijn medische vakliteratuur bij”.

Dat was wat overdreven en bleek niet afdoende. “En toch bestaat corona niet”, roept hij. En, lichtelijk hiermee in tegenstrijd: “Ik heb het wel drie keer gehad!!!”

De aerosolen vliegen me intussen om de oren, want met hem op de voorgeschreven afstand en met zijn winkelwagen nu ruim tussen ons in ruik ik opeens een fikse alcoholwalm.

Ik begrijp dat dit een zultkop is van het rasechte, provocerende soort, en dat ik er maar beter niet meer tegenin moet gaan. Bij het afrekenen geeft de caissière me een blik van verstandhouding.

Buiten, als ik het slot van mijn fiets haal, hoor ik een vrouw naast me zeggen: “Jullie hadden daar niet zo’n fijn gesprek hè?” Dat heb ik maar beaamd: “Een vriend van me is er bijna aan kapot gegaan, iedereen die nou nog geen anderhalve meter afstand houdt, mag wat mij betreft in zijn eigen longetter kreperen.”

Ze vond mijn toelichting wat cru, geloof ik.

Wilde niet wachten tot sloeber met zijn flesjes bier naar buiten kwam en fietste sneller dan anders naar huis toe. De volgende keer maar weer naar de andere supermarkt.