Rondje Peize – Roden

De Stad in de verte vanaf de Weringsedijk:

Achterstewold, Peize:

De Weehorst, Roden:

Onlanden, vanaf de Roderwolderdijk:


Rondje Sandebuur


Rondje Eiteweert – Den Horn – Leegkerk

Een en al oor – paarden bij het Omgelegde Eelderdiep:

Eelderdiep vanaf uitloper Stadspark:

Madijk Peizermade:

Matsloot:

Boerderij op Matsloot:

Gedumpt camouflagenet, Westpoort:

Zuidwendingermolen:

Zwaan:

Zuidwendingermolen:

Druppende zwaan:

Arrivatrein, gistsilo van de suikerfabriek en Hibex:

Zijlvesterweg Leegkerk:


Rondje Eiteweert – Leegkerk

Langs het zuidelijke deel van de Zuiderweg in Hoogkerk is één boom uit een rij omgezaagd. Alle bomen zijn kaal, alleen de stomp van die ene draagt blad:

Groningerweg Peizermade – in een rijtuigie:

IJs op sloot bij de Langmadijk:

Zicht op de suikerfabriek vanaf de Legeweg onder Leegkerk:


Rondje Lettelbert – Leek – Leutingewolde

Rund bij de boerderij van het Groninger Landschap, Lettelbert bij de A7:

NIVON-camping bij het Lettelberterdiep:

Nienoord, Leek:

Bord met sluistarieven op de tentoonstelling over Leekster schippers in Museum Nienoord:

Leutingewolde:

Leutingwolde nabij ‘Sweers Anwende’:

Leutingewolde bij de Kring:

Foxwolde:


Jonker Wyfferinge met zijn wapen in het graf gelegd

Het familiewapen Wyffringe bevindt zich nog op een rouwbord in de kerk van Baflo. De adelaar zal van de stad komen, de posthoorns duiden misschien op een postmeesterschap van een voorzaat.

Rtv Drenthe kreeg van de week de vraag voorgelegd om eens uit te spitten of er werkelijk waar een kasteel in Bonnen bij Gieten had gestaan. Uit het bericht op haar website blijkt in ieder geval dat de verslaggever rotsvast in die burcht is blijven geloven. Curieus, want in werkelijkheid was het kasteel een buitenhuisje met drie kamers, althans volgens het standaardwerk Huizen van stand (Assen 1989).

Zeker woonden er voorname personages in het Huis te Bonnen, maar dat maakte dat huis nog niet tot een kasteel. Het was ook niet zo oud, uit 1605 komt pas de eerste melding. Destijds bouwde men al geen verdedigbare kastelen meer, omdat je er toch al niets meer aan had tegen geschut. Bestaande kastelen werden vaak ook wel omgebouwd tot buitenhuizen. Het buitenhuisje te Bonnen werd in genoemd jaar waarschijnlijk nieuw gebouwd door de Groninger burgemeester Johan Wifferinck, die er ’s zomers met zijn familie verblijf zal hebben gehouden. Want dat was zo de gewoonte onder stadsregenten: ’s winters woonden die in de Stad en ’s zomers verbleven die op het platteland, een vrij ideale constellatie, moet ik zeggen.

Aan de adellijke familie Wifferinck, in de stad Groningen zelf ook wel Wyfferinck of Wijfferinge geheten (om de meest voorkomende spellingsvarianten te noemen), zit nog een aardig verhaal vast. In de mannelijke lijn stierf zij namelijk begin oktober 1678 uit met jonker Johan Wijfferingh, denkelijk de kleinzoon van de naamgenoot uit 1605. Johan juniors erfgenamen kwamen toen bij het stadsbestuur met een uitermate bijzonder verzoek. Ze waren namelijk voornemens

bij de begraeffnisse van het doode lichaem van gesiede juncheer derselver wapen voor het lijck te laeten draegen, ende vermits hij de laeste mannelijcke oor van dat geslaghte is, het gedachte waepen in het graft t’ doen leggen.

Ze wilden hiervoor graag toestemming van het stadsbestuur en dat willigde het verzoek in. De laatste jonker Wijfferingh werd dus met zijn familiewapen en al begraven.

Aan Redmer Alma, die beschikt over een grote kennis van de heraldiek, vroeg ik of dit nu een gewoonte was bij het uitsterven van adellijke families en of hij het vaker was tegengekomen. Een echt oude traditie bleek het niet:

Het was inderdaad een vast gebruik, in elk geval vanaf de zeventiende eeuw. Doorgaans wordt het wapen boven het graf gebroken en dan erin gelegd. Heel veel laatsten van een geslacht zijn er natuurlijk niet, maar je zou verwachten dat ergens wel een graf bewaard is waar de stukjes van een (waarschijnlijk houten) wapenschildje te vinden zijn.

In één opzicht was het Groninger geval uniek, aldus Alma:

Dat er speciaal toestemming aan de stad werd gevraagd, ken ik niet van andere voorbeelden.


Fietstunnel Peizerwold nadert oplevering

Op het oog ligt er een prima wegdek in de nieuwe fietstunnel bij het tolhuis van Peizerwold. Toch staan er nog allemaal hekken omheen en de conclusie is dan al gauw dat dat komt doordat het schilderwerk nog niet af is:

De ondergrond is wel zo’n beetje aangebracht, maar er komen nog diverse figuren op. Deze Hooglander staat er al:

Net als deze vrouwen waarvan de ene lijkt te vliegeren, als ze niet aan tai chi doet:

En deze hooibalen moeten wellicht nog wat geler:

De kunstenaar bleek druk aan het werk in het westelijke deel, dat naast het tolhuis uitkomt:

Even een vlekje weghalend:

Op dit gedeelte staat een kip van het soort zoals de tolhuisbewoners ook hebben:

Alles dichtbij de hand – volgens hem ging de tunnel in november open, ik meen op de zesde:

Weer bij de Groningerweg om over te steken, bleek het inmiddels razend druk op de weg, met files vanuit beide richtingen. Bij de oversteek verzamelden zich dan ook behoorlijk wat fietsers. Een oudere man wilde het erop wagen en kon nog net aan zijn arm worden tegengehouden. Kortom: deze tunnel voorziet in een grote behoefte.