“Een echte durfal, die Harry”

Nu bijna 25 jaar geleden haalden Wim Hartman en ik namens de Oosterpoort de finale van de OOG-wijkkwis, destijds gepresenteerd door een piepjonge Wilfred Genée. Op het spel stond een videorecorder en onze tegenstander was Aduard, dat in monnikspijen verscheen. Een en ander speelde zich af het gebouw van de dienst Ruimtelijke Ordening aan het Zuiderdiep, waar ze de goeie trap voor een klassieke opkomst hebben. Let u speciaal ook op het Ruimtelijke Ordeningsspel, de truuk die ik daar uithaalde was ik al helemaal vergeten:

Wat was ik toen nog een jong mager knulletje en wat zat ik daar irritant vaak met open mond. Trekje dat ik herken van mijn vader. Zou me nu niet meer zo gauw overkomen, denk ik, in het zicht van een camera.

Met dank aan René Duursma, GAVA.

Advertenties

Jan S. Niehoff en de Winschoter Courant

Begin jaren 70 ontpopte Jan S, Niehoff, schoolarts te Appingedam, zich als actievoerder tegen het Plan Kikkert dat van een groot deel van Westerwolde een militair oefenterrein wilde maken:

“Dikwijls vielen me ’s avonds laat nieuwe argumenten tegen het oefenterrein in; ik ordende ze dan in een krantenartikel. Hiermee reed ik meermalen tegen middernacht naar Winschoten om het daar in de brievenbus van de Winschoter Courant te deponeren. Dat – progressieve – blad bestaat helaas niet meer, het had toen om en nabij de 30.000 abonné’s. Door zijn felle weerstand tegen het plan-Kikkert en als klankbord heeft het ons veel steun verleend. In dat opzicht is het jammer dat veel kleine maar gezaghebbende bladen als de Winschoter zijn opgegaan in grotere, die in controversen als deze de wederzijdse belangen ontzien, vaak voorzichtig-neutraal reageren of ze uit de weg gaan.”

Uit: Jan S. Niehoff, Memoires (Bedum 2015) 85.


Fijne aanvullingen Delpher

Delpher, de krantendatabank van de KB, kreeg vandaag een aantal fijne aanvullingen, wat het noordoosten van ons land betreft vooral uit het bezit van het Veenkoloniaal Museum in Veendam, maar ook van het Drents Archief en het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedernis (IISG):

Veenkoloniën:
Drenthe:
Socialistica:
Blijft natuurlijk altijd nog iets te wensen over:
de Winschoter Courant!

Veendammer abonnees op Haerlemsche Courant betalen hun bezorger niet

roroe zuidbroek bezorgt Haarmesche couranten

Renke Willems was de roderoede, zeg maar de veldwachter van Zuidbroek en Muntendam. Het verjagen van arme schooiers was zijn hoofdtaak, maar die liet blijkbaar nog wel wat tijd over voor een bijbaantje: het van Zuidbroek naar Veendam brengen van een onbekend aantal Haerlemsche Couranten. Deze exemplaren waren bestemd voor zes met name genoemde personen. Een van die zes, de brouwer Marten Pieters, fungeerde voor Willems als breng-adres, waar de andere abonnees hun exemplaren afhaalden. Mogelijk lazen die deels samen, maar dat doet er niet toe – de Haerlemsche had in Veendam minstens zes lezers.

Met die abonnees bestond de mondelinge afspraak dat Renke Willems voor zijn bezorgwerk een rijksdaalder per jaar zou krijgen: dat was iets minder dan een stuiver per week voor de drie loopjes per week want dat was destijds de frequentie van de Haerlemsche. De afspraak ging in op 7 juni 1787, midden in de woelige Patriottentijd. Na de Franse Revolutie, in september 1789, gaf de roderoede er de brui aan, omdat hij nog steeds niet betaald kreeg. Inmiddels had hij dat loopje zo’n 350 maal gemaakt. Van de abonnees eiste hij naderhand voor het Oldambtster gerecht ruim vijf en een halve gulden. Omdat de abonnees hun schuld ruiterlijk toegaven, wees het gerecht de eis toe.

Overigens kwam Veendam in deze periode één maal voor in de kolommen van de Haerlemsche en wel in het nummer van 18 juni 1789:.

“Onder Ostende is verongelukt het schip van Heye Janse Veen van Veendam, van hier (Amsterdam, HP) na Duinkerken moetende; van de equipagie is maar één man behouden.”

RHC Groninger Archieven, Toegang 731 inv.nr. 61: protocol van civiele rechtszaken, 9 februari 1790.


Tante Annie gered dankzij haar bontjas

img353b

img341 blog

Dit is de DAF van tante Annie. Of liever gezegd: wat ervan over was.

Die zaterdag vierde ik thuisthuis mijn verjaardag, want ik was nog een hele brave student, die door de week bij een hospita woonde. Het was vrij helder en koud, maar het vroor niet. Tante Annie, de jongste zuster van mijn grootvader, bleef echter uit. Tussen Dieverbrug en Wittelte bleek ze op de verkeerde weghelft bijna frontaal op een tegenligger gebotst. Haar DAF schoot de Drentse Hoofdvaart in, maar door de opengescheurde kant kon ze eruit komen. Een passant haalde haar uit het ijskoude water, ze was zwaar gewond en ging per ambulance naar het hospitaal. Wonder boven wonder mankeerde de mensen in de tegenligger bijna niets.

Zo ongeveer stond het verhaal in de Meppeler Courant en de Drentse editie van het Nieuwsblad van het Noorden op 17 februari 1975. Geen van beide kranten is op internet te vinden, maar mijn moeder bewaarde de knipsels. Zonder datering, maar door een berichtje op de achterkant is dat geen probleem.

Achteraf vertelde tante Annie dat ze haar leven te danken had aan haar bontjas. Door die jas was ze namelijk op het water blijven drijven.

Dit aspect ontbrak nu juist aan de krantenberichten. Als zoiets vandaag de dag naar buiten zou komen, zou het ten volle door de media zijn uitgebuit.

img342 blog

img344blog


Krantenlezer, ca. 1800

Krantenlezer. Detail centsprent uitgegeven door H,V. Huisingh, boekhandelaar te Winschoten. RHC Groninger Archieven 1536-3069.

Krantenlezer. Detail centsprent uitgegeven door H,V. Huisingh, boekhandelaar te Winschoten. RHC Groninger Archieven 1536-3069.

Zo lazen m’n beide grootvaders ook de krant: bedachtzaam lurkend aan een pijp, dan wel sigaar. Roken en nieuws horen zowat bij elkaar zegt het rijmpje onder het plaatje, beide zijn even vluchtig. (Vandaar dat ze misschien ook wel die bedachtzaamheid oproepen.)

Het prentje is een fragment van een centsprent voor kinderen. Naar de mode te beoordelen, zal de houtsnede met het mannetje van 1780, 1790 dateren. Qua letters zal de prent enkele tientallen jaren jonger zijn, wat ook wel klopt met de levensfeiten van Hinderikus Vechnerus Huisingh, de boekverkoper en drukker die de prent uitgaf. Hij werd in 1785 geboren in Groningen, had een vader die ook al drukker was terwijl zijn tweede voornaam ook duidt op een drukkerskomaf, en hij trouwde in 1809 in Winschoten, waar hij  vanaf 1813 bij de aangifte van kinderen boekverkoper heet. In 1855 stierf hij – ik meen me te herinneren dat hij wel meer centsprenten uitgaf.


Wat betreft ‘de drol’ van Armando

Over smaak valt niet te twisten – neemt niet weg dat ik dat beeld van Armando ook niet mooi vind.

Het beeld behaagt in elk geval niet. Veel mensen zijn van mening dat kunst moet behagen. Wat dat betreft ben ik toch wel een andere mening toegedaan. Kunst mag je ook een knal voor de kop geven. Maar of zo’n omgeving als rond dit beeld daar nu zo geschikt voor is?

Armando zou toch moeten kunnen uitleggen wat hij beoogt met dat beeld op die plek. Dat bedoel ik zowel voor hemzelf als rtv Noord-Holland. Wat het medium valt te verwijten is dat het hem onverhoeds de microfoon voor de neus duwt. Proletenmanieren zijn dat en ze tieren welig in het huidige medialandschap.