Naar Warffum

Voorlopig de laatste mooie middag voordat de herfst uitbreekt. Op de fiets naar Warffum.

Bij de Zijlvesterweg was de plein-airschilder Gertjan Scholte-Albers (website) bezig met het opzetten van een breed landschap met in de verte Dorkwerd:

Bij het vervallende boerderijtje van Ranum zat deze kwikstaart op het dak:

Met nog een andere vogel, een tudehoane van oude metalen:

Viel dit plaatsnaambord me nu voor het eerst op? Het streekje heet Dingen, maar er staat slechts een enkele boerderij. Het meervoud gaat dus niet op. Het had Ding moeten zijn. Of desnoods Dinges.


Rondje Gasselternijveen

Gezicht op de Stad vanaf Peizermade:

Kom zelden zo vroeg in de Onlanden:

De zilverreigers zijn er weer. Gister zag ik er ook al een paar bij de Oostwolmerdraai:

De eerste keer dat ik de schuur van Winde in de volle ochtendzon zie; ’s middags zit de zon achter het bouwwerk, dat oogt dan op foto’s vaak wat minder:

Het zou eigenlijk een Monumentendagrondje worden, langs een handvol Noord-Drentse kerken. Meteen de eerste kerk, die van Vries, bleek gesloten, hoewel die om 10 uur open zou zijn. Eerst dus maar een rondje om de kerk gemaakt. Het schip, van tufsteen, is typisch romaans:

Op het kerkhof staat een klok, fabricaat A.H. Van Bergen, Heiligerlee:

Het café aan de overkant nog even bekeken – verleidelijke veranda:

Doorkijkje langs het café:

Na twintig minuten wachten was ik het beu en ben ik maar weer op de fiets gestapt. Via Tynaarlo naar Zeegse, waar ze iets artistieks-feestelijks hadden verzonnen onder het motto: ‘Zeegse ziet ’t zitten’:

Dorpsgezicht Anloo:

De Magnuskerk aldaar, waar de monumentendagvlag, in tegenstelling tot Vries, wel uithing:

De nog niet zo lang geleden gerestaureerde grafkelder:

Op het terras van van de Koningsherberg was een wespenmassacre gaande. Terwijl er aan de oppervlakte nog gestreden werd tegen het noodlot, lieten de ondersten de kopjes hangen:

Tolhuis aan de Annerweg:

Eext – café Homan. Rechts zal de oorspronkelijke boerenherberg uit ca. 1870-1880, links is de zaaltoegang van 1920-1930. Eigenlijk jammer ft het woord Hotel weggewit is, dat trekt de boel typografisch uit zijn voegen, al is het natuurlijk wel begrijpelijk dat een latere eigenaar dit deed:

Bijenstalletje met flinke voorraad. Angst voor diefstal? Sowieso hebben veel minder mensen nog contant geld bij zich en bij deze uitbater zal je vast niet kunnen pinnen:

In de buurt van Gieten of Gasselte:

De gepavoiseerde molen van Gasselternijveen bij de Oostermoersche Vaart (of gekanaliseerde Hunze):

Windwijzer met elegant paard, ook in Gasselternijveen, meen ik:

Naar het noordwesten is een wegberm over honderden meters beplant met steenperenbomen:

Gieter- of Bonnerveen – fraaie, maar helaas aftakelende veenboerderij:

Via Wildervank naar Kielwindeweer. De vorige keer was dit enorme dak nog niet volledig belegd, nu zijn er twee hupse eenhoorns zichtbaar:

Dorpsgezicht ter hoogte van het fietspad naar Nieuwe Compagnie:

Alerte Hooglander in de Kropswolderbuitenpolder:

Al met al ruim 101 kilometer gereden. Dat is een poos geleden dat ik dat voor het laatst deed.


Retour Foxhol

Waterhuizen – tussen die schepen past heel weinig meer:

Waterhuizen, bij Pattje enz. – de laatste hand aan een zeesleper:

Vlakbij Hoogezand – de zon zat nog naar nauwelijks aan de andere kant van de bomenrij, of de koeien besprongen enthousiast het eerste reepje schaduw:

Engelberter honing:

Harkstede – hooimijt met eenzame hooier:

Boer Diekhuus aiweg vigelant bie zien ol stee:

Deze antieke huisaansluiting voor het bovengronds elektrisch net was me hier nooit eerder opgevallen:

Industrieterrein Zuidoost bij de Helsinkihaven:


Retour Huizinge

Aan het Boterdiep in Zuidwolde staat dit huisje met op de muur het jaartal 1774. Geen idee of dat waar is:

Op de schoorsteen deze kap met zeer hartelijke windwijzer:

De nationale driekleur, geteisterd door zon en wind:

Aan de Zuidwoldiger kant van Bedum – hooiland met 12 ooievaars, waarvan er hier 4 zijn te zien:

Bedum, dorpsgezicht:

Sommige mensen hebben last van windmolenlawaai, terwijl ze er 1500 meter vanaf wonen. Deze boer op Ter Laan heeft een grote windmolen op eigen erf:

Bij Westerwijtwerd lijkt er een duivenslagpoort in aanbouw:

De Boerdamsterbrug bij Middelstum werd uit voorzorg nat gehouden:

Kunstwerk bij verzorgingshuis in Middelstum:

De kerk van Huizinge in de verte:

Maaidorsers houden holdert – bij Huizinge::

Bij de kerk van Huizinge:

Gezicht op Middelstum vanaf het Huizinger kerkhof:

Bij de kansel in de kerk van Huizinge:

Vrouwsperoon op die kansel:

Het doel van de reis – Melkema, bewoonde plek sinds 1370, naar ik hoorde:

Er zit een mooie, deels gereconstrueerde schouw uit 1597 in, afkomstig van Maarslag:

Met een renaissance-cartouche rond het jaartal:

De schouw werd gemaakt voor een boerenfamilie, getuige de klavers:

Gedeeld met een huismerk; of is het een wolfsangel?:

Peerdje in het snijraam boven de voordeur:

Melkenstijd bij Westerdijkshorn:

Peerdje op de toren aldaar:

Het opladen van hooibalen  op de Hoge Paddepoel:


Rondje Harssens – Zuidwolde – Westerbroek

Blaarkop, zo te zien drachtig – Leegkerk:
DSC04035
Door de nog steeds ontbrekende Paddepoelsterbrug zou je geen mens op Wierum verwachten, maar dat viel nogal mee:
DSC04041
Aan de boorden van de Hunze bij Harssens:
DSC04049
Kijk aan wie hebben we daar:
DSC04052
Plantjes op de Hunze-oever:
DSC04056
Aan de overkant parende tureluurs:
DSC04057
Via de Koningslaagte naar Noorddijk:
DSC04063
Boterdiep Zuidwolde:
DSC04065
Hooimijt in Middelbert (dacht ik); het windvaantje geeft het jaartal 1973, de constructie is dus helemaal nog niet zo oud:
DSC04076
Mijn rechter trapper kraakte al een poos vervaarlijk. Bij het Damsterdiep ging hij raar scheef staan, wat zich voor even liet corrigeren, maar op de Hesselinkslaan bij Westerbroek knapte hij finaal af. Metaalmoeheid na tien jaar trouwe dienst:
DSC04082
Was wel zo’n beetje op het verste punt van de tocht om de stad die ik in gedachten had. Maar in een beslist plezierige omgeving:
DSC04085
Via Waterhuizen en de andere kant van het Winschoterdiep lopend naar de stad toe. Het bleek bijna 10 kilometer tot de fietsenkelder van mijn werk. Vanwege de zich aankondigende blaren maar de bus naar huis gepakt:
DSC04093


In een Reiderwolderpoldersloot

Ben hiervoor nog even teruggereden op die lange polderweg. Wilde even weten wat er precies op dat bord stond:

“Alleen toegankelijk voor leden HOG. Verboden voor auto’s.”

HOG = Harley Owners Group? Zit er zoiets hier in de buurt? Er zit wel een motorclub bij Finsterwolde. Is het bord misschien van een voorganger?

 


Scheemda – Midwolda – Finsterwolde – Termunten

Arriva verwachtte blijkbaar een stormloop op Oost-Groningen, want bij spoor 3-B stonden maar liefst vier treinstellen klaar.  Op de eerste drie hing echter een teleurstellend bericht: “Niet instappen”. Helemaal bij de voorste aangekomen, hing er niet zo’n bericht maar bleek de trein gewoon ontoegankelijk. Tot de bestuurder eraan kwam, die me terug verwees naar het allerachterste treinstel – de voorste drie gingen leeg op weg:

Herfst tussen Scheemda en Midwolda:

Welkom in Midwolda:

Beuk in de slingertuin van museumboerderij Hermans Dijkstra:

Vredesduiven in gekleurd glad (Jugendstil):

Nog meer Jugendstil – kapstok met pauwen die lijken op de pauwen in de Groninger Brugstraat:

Stoelklokje:

In de weckflessenkelder – plakjes wortel, hele peren, mootjes wortel:

Verzameling bakstenen met pootafdrukken van honden, katten en reeën:

De boerin Eppie Poppes ten Have (1797-1839), pastel achter glas door – hoogstwaarschijnlijk – Theodorus Bohres:

Die voorste, dat is een Fongers:

Door de Reiderwolderpolder naar Woldendorp – oude wadpriel door het verder kaarsrecht opgedeelde polderland – op de paal in de verte zit een torenvalk maar dat ontdekte ik thuis pas:

Heb geruime tijd staan wachten tot dit hert zou opduiken, maar het beest had vandaag geen zin:

Dikke klaai:

Arbeidershuisje in Woldendorp – met twee annexe opstallen te  koop voor 2,5 ton:

Op de veranda van Landman in Termunten zes verrukkelijke tongetjes gegeten. De kater van de buren lustte ook wel een stukje maar kreeg niets en keek me daarom heel gemeen aan:


Rondje Schilligeham

Leegkerk:

Bij de ingang tot het erf van de boerderij Gravenburg – hun moeder zat achter mij in het weiland te jagen, ze wachtten haar op. Ik denk dat deze kittens een week of vijf, zes oud zijn:

Schutting met koeien bij Oostum:

Dijkcoupure bij Schaphalsterzijl:

Mosterdzaad bij Schouwen (het Groningse, zonder Duiveland):

Rijenteelt maakt micro-reliëf zichtbaar:

Arbeiderswoningen en de gewezen boerderij van Guikema aan de Onnesweg in Feerwerd:

Watermolen in de buurt van Steentil:


Herbestemd Lutje Potje

Langs de weg in Westernieland:

Een herbestemd lutjepotje. Een Gronings babyhuisje, gevuld met zakken aardappels van het ras Doré, met een uitstalling van kalebassen en pompoenen ernaast.


Van Baflo naar Leens op Open Monumentendag

Beslag op kerkdeur in Baflo:

Tamelijk licht daar in de kerk:

Het wapen van Bouwe Coenders op een grafkistplaat, met dansende bokken:

Het effect van gekleurd glas op een witte raamomlijsting:

Bovenkant armblok of -paal:

Landschap even buiten Raskwerd – hier en daar rook het gewoon naar uien:

Middeleeuwse plafondschildering van duellerende ruiters, waarschijnlijk kampvechters in een strijd van goed en kwaad, in Den Andel:

Het wapen op het graf van de predikant Henricus Hulzebusch. Hij kwam uit Winschoten,  maar de Hulzebusch (of Hulzebos) was in de zeventiende eeuw een grote herberg in de stad Groningen op de hoek van het Kattendiep en het Schuitendiep. Daar zou de familie oorspronkelijk wel eens vandaan kunnen komen. Klopt dit vermoeden, dan had de herberg in Stad wellicht eenzelfde wapen op het uithangbord staan:

Tussen Den Andel en Saaxumhuizen:

Weer een peerdje erbij in mijn verzameling:

Gezicht op Saaxumhuizen:

In de kerk daar een boekenmarkt:

Vaas toont apostelen:

Hiddingezijl, daar was ik nog nooit geweest, had er zelfs niet eens van gehoord:

Vervallen schuur in Westernieland:

Het sobere kerkje daar:

Bloemen op de kansel:

Even buiten Westernieland – strobult in strijklicht:

In Pieterburen liep mijn ketting eraf. Geen fietsenmaker ter plaatse bekend. Daarom doorgelopen naar Kloosterburen en onderweg in Broek bij een zorgboerderij (Keroazie), waar ik een ijsje kocht, opnieuw gevraagd of men er een fietsenmaker wist. De dichtstbijzijnde zat in Winsum. Maar ze bleken er zelf fietsen op te knappen en wilden die ketting er wel voor me opleggen. Betaling bliefden ze niet. Geweldig, want anders had ik mijn broer moeten vragen om me op te halen.

Bij Keroazie hadden er onder meer alpaca’s:

Nog even in de katholieke kerk van Kloosterburen geweest:

Gezicht op Leens:

Herenbank, met ook hier dansende bokken:

Engel met cello op het orgelfront:

Voorheen schand- en geselpaal fungeert nog steeds als grenspaal tussen Leens en Ulrum.


Oldambtster toertje

Moest voor iets in Winschoten wezen en plakte er een fietstochtje in de omgeving aan vast.

De Langestraat met ‘De zoon van Toela’, een beeld van Toos Hagenaars voor het oude gemeentehuis van Winschoten:

Verderop verkeert die straat in een treurige toestand. Op een sloopplek is dit merkwaardige tuintje ingericht:

Weerbeeld bij Meerland in de buurt – het regende heel zachtjes:

Bouwvallig arbeidershuisje aan de Nieuweweg onder Oostwold:

In Finsterwolde deze goeddeels droge boerderijgracht:

Even in de kerk geweest – het interieur leek opgeknapt:

Paneel op de kansel:

Hongerige Wolf:

Aanplant om vogels wintervoer te bezorgen, ook in Hongerige Wolf:

In de polders, naast blote grond en suikerbieten, nog heel veel uien, een teelt die ik daar eerder nooit gezien heb (maar dat kan aan mij liggen):

De garnizoenskerk van Nieuweschans waar het opnieuw begon te regenen:

Helaas bleek het Vestingmuseum in het weekend (!) gesloten, maar voor de pui lag wel de gevelsteen van een boerderij aan de Hamdijk, waar ik onlangs via mail of een tweet over hoorde:


Rondje Schaphalsterzijl – Fraamklap

Eerst langs Leegkerk, waar boer Van Z. en zijn hulp aan het hooiharken waren:

De acrobaat voor het zwelen stond al klaar in de populierenrij

Half elf en deze blaarkop heeft al geen puf meer:

De bomen langs de Lindt zijn gekandelaberd:

Aan de andere kant van Aduard, op het Van Starkenborghkanaal, was de firma Wagenborg bezig met een grote bok en een platte schuit;

Op dat moment was me het doel van de manoeuvres onbekend:

Er kwamen twee sleepboten aan te pas:

Het gezicht vanaf de nieuwe brug:

Pas toen ik deze kerels bezig zag op de oude brug, viel het kwartje: ze gingen de brug eruit nemen:

Ik had geen zin om erop te wachten. Dat moest ik wel in Roodehaan, bij het Reitdiep:

De borstwering van de Rodehaansterbrug bevat vensters – een blik opzij vanaf mijn fiets:

Schaphalsterzijl – een meter onder NAP:

Schaphalsterzijl: sluisleuningen met het oude waarhuis op de achtergrond:

Het dakenlandschap bij de kerk van Obergum:

Boterdiep tussen Onderdendam en Fraamklap:

Gemaal- en schutsluiscomplex ‘den Deel’ tussen Onderdendam en Fraamklap:

Alles om onder de zon uit te komen (bij de Boerdamsterweg)_:

Insectenhotel langs de Dorpsweg naar Westerwijtwerd:

Huiskamercafé Westerwijtwerd:

Breeksterweg – het injecteren van kunstmest?

Op de hoek van de Keesriefweg en de Fraamweg een bloemenzoom bij een akker. Op de achtergrond een combine op een perceel koolzaad:

Poldermolen ’t Witte Lam tussen Zuidwolde en Stad:

Op het Eemskanaal bij het Betonbos lag de ‘Vlotburg’, een kasteelboot uit Alkmaar:

Een koene hellebardier waakte op de tinnen van deze drijvende burcht:


Rondje Haren – Eelde

Begin Haren, vanaf de Stad – hier kan je de Hondsrug nog afkijken. Graag bewaren, gemeente Groningen!

De topgevel en het torentje van Huize de Wolf – let op de windwijzer:

Zonnebloemen op de Paasweide (volkstuinencomplex bij Sassenhein):

Stookhut en hooimijt op ’t Hemrik, achter Haren:

Schuit bij de brug over het Noordwillemskanaal nabij Oosterbroek:

Kraai op onduidelijke richtingaanwijzer, Hoofdweg Eelde:

Dacht eerst: Pink Panther voor Pampus. Blijkt het uitgetelde roze beest een haas te zijn:

Huiskat op de oever van het Omgelegde Eelderdiep:


Oldambtster toertje

Naar Beerta om een exemplaar van de Groninger aardbevingsvlag op te halen bij de ontwerper, tevens uitbater van restaurant Smederij1872. Sinds de beving van Oosterwijtwerd , een poosje geleden, zitten er ook scheuren in zijn pand, en dat terwijl hij het tien jaar geleden volledig restaureerde:

Enkele zaken in het interieur van het restaurant herinneren nog aan de smederij die het ruim een eeuw geweest is, bijvoorbeeld deze zeer verweerde weerhaan:

En een vrijwaringsverklaring van de smid voor het beslaan (met hoefijzers) van paarden (uitgave Smecoma, nadruk verboden):

In de buurt van Finsterwolde:

De grafstenen van mijn betovergrootouders staan er nog mooi bij op het kerkhof van Finsterwolde. Heb dat hoge gras aan de voet van de stenen maar even weggehaald:

Sommige graven in de buurt waren rood van de sedum:

De kerk stond open; dus even binnen geweest:

Stukje grafheraldiek met een boven water klimmende eenhoorn:

Nieuw voor me, dit bord op de hoek van de Hoofdweg en de Goldhoorn in Finsterwolde – de vorm en de figuren lijken jaren 50/60, maar het zal dan recent opgeknapt zijn met belettering van nu:

Altijd mooi, het uitzicht op de Goldhoorn, ook als de tarwe er nog groen is:

Aan de Oostwoldiger kant van de Goldhoorn nodigden Quiren en Charel me uit voor hun “best day ever”:

Toch maar doorgefietst. Gezicht op de brug over het kanaaltje naar de Blauwe Stad tussen Oostwold en Midwolda:

Beetje dichterbij – het gebouw van rode baksteen links is een oude school, nu ook horeca. De Blauwe Stad trekt zo links en rechts toch heel wat toeristische bedrijvigheid aan:

Helaas is een boerderij dichtbij deze plek een poos geleden opgebrand:

Korenbloemen en tarwe in de achtergelegen polder:

In Midwolda aan de Hoethslaan houden ze ook van schaatsen; naar het noorden of het zuiden, het maakt ze niet uit , ze gaan alle kanten op:

Arbeiderswoninkje met dichte luiken aldaar:

De kerk van Midwolda, waar de grote Schortinghuis preekte:

Bij de Ennemaborg was er gehooid:

Dorpsgezicht op de oostkant van Scheemda:


Delfzijl – Rodeschool

Kreeg in het Muzeeaquarium Delfzijl van mijn achterneef Wilte, die er vrijwilliger is, een rondleiding door de pas geopende expositie over de verdwenen dorpen van de Oosterhoek (Weiwerd, Heveskes en Oterdum). Wijzerplaat kerktoren Oterdum – bij het draaipunt ontbreekt een stukje van het dunne lood, wat gekomen zou zijn door een granaatscherf in april ’45:

Johan Dijkstra – Dorpsgezicht Oterdum (kopie achter glas):

Het originele plaatsnaambord van Oterdum:

Met de zuidoostenwind in de rug vervolgens noordwestwaarts gefietst – in de nieuwe zeedijk worden alweer gaten gegraven:

Alom in Delfzijl deze vlaggen, niet van de Oostenrijkse marine zoals ik eerst meende, maar van de Delfzijlster Pinksterfeesten:

Hooimijt bij Biessum:

Scholekster tussen Appingedam en Marsum:

Wapen met musicerende zeemeermin op de grafzerk van de domineesweduwe Reneman in de kerk van Krewerd:

Boortoren aan het Boakepad, tussen Arwerd en Lutjerijp:

Transformatorhuisje, Lutjerijp:

De toren van ’t Zandt stond in de steigers – wellicht wordt dit wapen ook opgeknapt:

Landgeit bij Zijldijk: