Populierenkap aan de Peizerweg

Werkelijk het enige wat de Peizerweg nog een draaglijk aanzien verschafte, moest blijkbaar nodig worden opgeruimd. Zo’n mooie populierenlaan zullen we hier dus van onze levensdagen niet meer aanschouwen. Dat we voor de operatie moesten omrijden was nog het minste leed:

Takken over het pad:

Van gestripte stammen:

Lopende bandwerk, dat eindigt met het in stukken zagen van de stammen, waarna de kale troosteloosheid van bedrijfsgebouwen in het onbarmhartige daglicht treedt:

Weg schaduw op de zomeravond, weg windvang bij winterdag.


Graffiti op het hoekje van de Westerhaven


Rondje Peize – Eelde – Haren

Slenk in de Onlanden, gezien vanaf de brug in de Groningerweg naar Peize:

Huppelpaaltjes, Achterstewold:

Rustend blaarkopkalf:

Hooglanders in het laagland:

Bij het Eelderdiep tussen Peize en Eelde:

Een foeragerende zilverreiger tussen de koeien:

Bij Winde, pony met vlechtjes en in zebrapak:

Winde, open stal:

Insect met lange antennes op stuw in het Eelderdiep:

Hoornsedijk – het huisje staat er nog:

Paterswoldsemeer:

Stadspark – ballonopstijging:


Op de Groninger speer van Minerva, heden ontmaskerd als bezemsteel

Naar aanleiding van dit nieuwsbericht.

Geboren uit Zeus’ en dat gewapend met haar speer,
Die zeer tot haar eer ging onwetendheid tekeer,
Keek Gruno’s Minerva zonder verveer
Op het academieplein in de diepte neer.

Zo was het goed. Maar er komt altijd rampspoed van,
Zul je zien.

Helaas droeg Minerva tevens een uil.
En dat beest maakte de speer dermate vuil,
Dat deze verrotte en des nachts viel in de kuil
Aan gort en splinters, vlak voor zo’n zuil.

Wat later kwamen er pedellen aan,
Die deze dag erg vroeg waren opgestaan.
Zij namen uit de gangkast een bezem vandaan.
En hebben dit surrogaat Minerva aangedaan.

De pedellen verzonnen dus een list,
Maar niemand die het wist.

Helaas is een bezemsteel geen speer.
Een bezem ruimt weliswaar fysiek gesmeer
Maar gaat de onwetendheid niet tekeer
Integendeel, die vermeerderde zich zeer.

De akkedemie ging dan ook hard op weg naar benee,
Totdat haar museumdirectie de ontdekking dee’
Dat Minerva zeer onder haar bezemsteel lee’.
De speer keert nu terug op zijn rechte stee.

Dit was een goede leer voor een volgende keer
In Gruno kere nu wijsheid en wetenschap weer
Zorg in die gangkast steeds voor een reservespeer
Opdat geen bezemsteel ooit weer Minerva onteer’.

Zo, en nu is dan mijn verhaaltje uit.
Dat komt door die verrekte olifant, met zijn lange snuit.


Bouwbord Oosterpoort

Om precies te zijn in de Jacobstraat:

Uit het feit dat dit bouwbord er nog hangt, terwijl de oplevering reeds enige weken geleden gebeuren zou, valt op te maken dat het project ofwel vertraging heeft opgelopen. ofwel verlengd is wegens meerwerk.


Rondje Schaphalsterzijl – Fraamklap

Eerst langs Leegkerk, waar boer Van Z. en zijn hulp aan het hooiharken waren:

De acrobaat voor het zwelen stond al klaar in de populierenrij

Half elf en deze blaarkop heeft al geen puf meer:

De bomen langs de Lindt zijn gekandelaberd:

Aan de andere kant van Aduard, op het Van Starkenborghkanaal, was de firma Wagenborg bezig met een grote bok en een platte schuit;

Op dat moment was me het doel van de manoeuvres onbekend:

Er kwamen twee sleepboten aan te pas:

Het gezicht vanaf de nieuwe brug:

Pas toen ik deze kerels bezig zag op de oude brug, viel het kwartje: ze gingen de brug eruit nemen:

Ik had geen zin om erop te wachten. Dat moest ik wel in Roodehaan, bij het Reitdiep:

De borstwering van de Rodehaansterbrug bevat vensters – een blik opzij vanaf mijn fiets:

Schaphalsterzijl – een meter onder NAP:

Schaphalsterzijl: sluisleuningen met het oude waarhuis op de achtergrond:

Het dakenlandschap bij de kerk van Obergum:

Boterdiep tussen Onderdendam en Fraamklap:

Gemaal- en schutsluiscomplex ‘den Deel’ tussen Onderdendam en Fraamklap:

Alles om onder de zon uit te komen (bij de Boerdamsterweg)_:

Insectenhotel langs de Dorpsweg naar Westerwijtwerd:

Huiskamercafé Westerwijtwerd:

Breeksterweg – het injecteren van kunstmest?

Op de hoek van de Keesriefweg en de Fraamweg een bloemenzoom bij een akker. Op de achtergrond een combine op een perceel koolzaad:

Poldermolen ’t Witte Lam tussen Zuidwolde en Stad:

Op het Eemskanaal bij het Betonbos lag de ‘Vlotburg’, een kasteelboot uit Alkmaar:

Een koene hellebardier waakte op de tinnen van deze drijvende burcht:


Middagje fraai en curieus

Moest voor wat foto’s naar het Universiteitsmuseum, waar ik al een hele poos niet meer was geweest. Het betekende een weerzien na zoveel jaar met de ramen van Asperslagh. Diens uil:

En diens haan:

In de zaal een enorme verzameling opgezette beesten. Poolvos:

In een barok naturaliënkabinet deze beknevelde soldaat:

Een stukje erfenis van het volkenkundig museum Gerardus van der Leeuw hing in de vitrine op de kopse kant van de zaal . Masker uit Zaïre:

Masker uit Nigeria:

Weer buiten. Had onderweg gezien dat er een antiek- en rommelmarkt was op de Vismarkt en moest daar natuurlijk wel even kijken. Man bestudeert oude foto:

Eenvoud is het kenmerk van het ware – mooi vormgegeven reclamebord:

Lelijke eend van blik. Mogelijk huisvlijt, gezien het onbeholpen Citroënlogo. Nu ik hem weerzie had ik het karretje wel willen kopen:

Houtbouwdoos, Duits:

Stormaanval der dappere Zouaven, soldaten van de paus – schoolplaat gebruikt in het roomskatholiek  onderwijs:

Medallies, waar mensen ooit een bult voor hebben gedaan. Nu een ongesorteerd hoop rommel waar niemand meer belangstelling voor heeft: