Friezen willen oude Groninger dijk afslichten

Medio juli 1806 leverden enkele Friese boeren uit de streek voorbij grensrivier de Lauwers een rekest in bij de drost van het Westerkwartier:

Geven met verschuldigde eerbied te kennen de ondergetekende landgebruikeren woonende onder den dorpe Buirum in Buirummerland,
hoe dat de Oude Dijk als tot eenen weg verstrekkende, loopende van de oostzijde van Visvliet naar Pieterzijl, van daar na de Hooge Dam en Leegte, weegens de smalte derzelver bij sommige tijden volstrekt niet bruikbaar [is] om met een rijtuig te passeeren en vooral in tijde wanneer de slooden bijlangs dezelve gegraaven of opgehaakt zijn, met de eene zijde de rijdtuigen meenigmaalen over en door de hoekselpollen moeten passeeren, en alzo in het uiterste gevaar om alle ogenblikken een ongeluk te zullen krijgen.
En daar nu deeze dijk of weg op eene zeer gemakkelijke wijze zoude kunnen worden verbeeterd, in dier voegen, dat dezelve zoverre wierde afgesligt dat de rijdtuigen malkanderen kunnen passeeren – gelijk reeds door het wijs besluit van Uw[el]E[del]gest[renge] met die van Nyzijl na Commerzijl deezen jaare is geschied – zoude deeze verbeetering niet voor ons alleen, maar zelfs in ’t algemeen voort alle die dezelve moeten passeeren van de grootste nuttigheid zijn –

De Oude Dijk tussen Visvliet en Pieterzijl waar het hier om gaat, heet tegenwoordig Pieterzijlsterweg, alleen is het tracé daarvan (deels) rechtgetrokken. Het vervolg voorbij Pieterzijl is de Brugstraat. De Leegte, op de grens met Friesland, bevindt zich halverwege Pieterzijl en Warfstermolen, terwijl de Hoge Dam daar de Lauwers afsloot.

Deze Oude Dijk was waarschijnlijk nog van een model, dat voor 1717 gangbaar was: vrij steil oplopend en relatief smal van onder en van boven. Vooral als de sloten aan weerszijden werden schoongemaakt en er uitgehaalde pollen waterplanten en slijk op het ongeplaveide karrespoor lagen, zorgde dat voor gevaarlijke hobbels op de weg. Vandaar dat de Friezen voor een bredere, beter begaanbare en minder gevaarlijke weg een stuk van de kruin van de dijk wilden afhalen. Of beter gezegd: laten afhalen, want Groningers moesten het werk doen! Hun verzoek kwam er namelijk op neer dat de eigenaars of gebruikers van de Oude Dijk – te weten Bote Teekes, Itte Jans,en Romke Klaassens, alle wonend onder Pieterzijl –

mogen worden gelast om de voornoemde dijk in dier voegen te verbeeteren dat dezelve op een behoorlijke wijze met rijdtuigen kan worden gebruikt ofwel in dier voegen als Uwe Wijsheid het zal goedvinden om te behooren.

Van de in totaal 13 ondertekenaren kwamen de eerste 3 uit Burummerland, waar het verzoekschrift ook geconcipieerd was, terwijl het zich laat aanzien dat de andere 10 uit Munnekezijl afkomstig waren.

De drost liet eerst de situatie onderzoeken, waarna hij een hoorzitting zou uitschrijven. Een verslag daarvan heb ik echter (nog) niet kunnen vinden. Misschien is de procedure bij de drost ook niet vervolgd, omdat de Oude Dijk niet direct onder diens competentie viel. De bewuste dijk stond immers onder toezicht van het Dijk- en Buurrecht van Visvliet en Pieterzijl. Of de bestuurders daarvan oren naar het plan hadden, is onzeker. Inderdaad was de al even steile dijk tussen Niezijl en Kommerzijl in 1806 afgetopt om de bovenkant breder en beter begaanbaar te maken voor rijtuigen, en dat na een soortgelijk verzoekschrift aan de drost van het Westerkwartier, maar daar kunnen weer andere omstandigheden hebben bestaan dan in Pieterzijl. Het is dus niet gezegd dat het voorbeeld werd gevolgd. Overigens waren volgens het kadaster van ca. 1830 (waarop ‘t bovenstaand kaartje is gebaseerd) hele repen op de flanken van deze dijk in gebruik als tuin, maar ook dat zegt nog niets, lijkt me, over een eventuele afslichting vanwege het rekest in 1806.

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 735 (jurisdictie Westerkwartier) inv.nr. 726: rekestboek, 17 juli 1806.

Advertenties

Rondje Leekstermeer

Bij de Bruilweering, uiteind Stadspark:

Bij Sandebuur stond een heel stel vogelaars bij auto’s te koekeloeren. In de verte ging boven de Stobbevenne steeds een drom ganzen op de wieken:

Dit paard vond het ook wel een interessant schouwspel:

Tussen Leutingewolde en het Leekstermeer opnieuw een enorm aantal ganzen:

Bij de Meerweg onder Nietap (ooit de Hooilandscheweg, leerde ik vandaag). De boom was uitvalsbasis voor een stel roodborstjes:

Oprijlaan in het  buurtschapje Emmerik:

Gezicht op de Stad vanaf het Lettelberterdiep:

Koe, grazend bij wilg, Lettelbert (waar trouwens een vrouw bezig was met het maaien van haar gazon)::


Rondje Lagemeeden – Leegkerk

De Roderwolderdijk parallel aan de A7, Hoogkerk:

Oude slotenschoner bij de Zuidwendinger molen:

De Lagemeedener dividivi’s:

Herfstblad op de slootkant:

Paarden bij Nieuwbrug:

Eindje verderop redelijk veel reigers in het land -onder andere deze witte:

Rode blaarkoppen grazend bij Leegkerk:

Kerk Leegkerk:

(Foto’s van gistermiddag, tegen de avond.)


Retour Zuidhorn

Groeten uit Leegkerk:

Leegkerk – populierenlaantje met vervallen schuur:

Bij de Nieuwbrug, best roze zo’n neus::

Ook enigszins roze -boerderij bij Den Horn:

Het huisje bij de spoorwegovergang tussen Den Horn en Zuidhorn is nog niet verplaatst:

Iets te laat van wal gestoken, er daalde een enorme mistwolk over de omgeving neer:

Nog een ander gezicht vanaf de Zuiderweg bij Zuidhorn:

Zuiderweg, wat dichterbij Enumatil:


Rondje Niebert – Jonkersvaart

Doorzonschuur, Oostwold:

Aan de Halbe Wiersmaweg bij Niebert kan je tegen geringe betaling in vijvers vissen op forel, die ze ook wel voor je willen roken:

Schuur aan dezelfde Halbe Wiersmaweg:

Schapen in coulissenlandschap, nog steeds aan die weg bij Niebert:

Hoekje Grouwweg, tussen Niebert en Jonkersvaart:

Jonkersvaart – de voorgevel wilden ze houden, alles erachter mocht wel weg:

Jonkersvaart naar het westen, richting De Wilp:

‘Hut’ onder verkleurend geboomte, Jonkersvaart:

Witte paarden bij populierenlaan en gebraakte grond, Jonkersvaart:

Stoppelveld bij Terheijl:

Op de Onlanden overheerste een rooiige kleur, het was er nog vrij druk trouwens:

Hamersweg, Peizermade:


Rondje Zevenhuizen – Steenbergen

Aalscholverkolonie aan de zuidkant van het Leekstermeer, tussen Roderwolde en Leek. In die bomen wilde vroeger nog wel eens een havik of een buizerd zitten:

In de buurt van Leek:

Op de wallekant van het Leeksterhoofddiep:

Eerste stukje Zevenhuizen:

Op de Oostindische kant van Zevenhuizen:

Nieuwsgierige scharrelvarkens tussen Zevenhuizen en Steenbergen:

In die omgeving een enorm areaal aan mosterd?zaad. De teler zal wel duimen dat de nachtvorst uitblijft:

Een van de ettelijke zilverreigers in de Onlanden:


Rondje Sandebuur – Lettelbert

Peizerdiep bij Eiteweert:

Hooi harken op dijk bij Sandebuur:

Vraag me af hoe lang dit rijtje scheve populieren er nog staat (Sandebuur):

Door grazige weiden:

Noordkant Sandebuur:

Samenscholende blaarkoppen:

Verkleurend braamblad:

De weg door Foxwolde:

Foxwolde, schuur en landschap:

Ook daar – koeien treuzelend op weg naar de melkstal:

Opgehokte schapen naast het trainingsveld voor bordercollies, Nienoord:

Lettelbert – dit aparte slag schapen met getordeerde hoorns is de laatste tijd in opkomst: