Rondje Honderd

Hij staat er nog, de droogschuur van voorheen Nanninga’s houthandel te Winneweer:

Garrelsweer – aan zo’n ontvangstcomité gaat men niet snel voorbij:

Weerstation Zeerijp met uitgewapperde Groningse vlag (of is het een zwienhondje?):

Bij ’t Zandt in de buurt – corona zorgt nog maar net voor hoge kartonprijzen of lange halmen komen weer in de mode:

Ten zuiden van Zijldijk:

Bij het gehuchtje Honderd (nu 2 huizen nog) – hetgeen aangetoond moest worden:

Fiveldijk bij Westeremden:

Tussen Westeremden en Huizinge op een abeel:

Nu nagenoeg verdwenen, maar vroeger alomtegenwoordig beeldmerk van een verzekeringsbedrijf op een deurpost in Onderdendam:

Het joodse begraafplaatsje achter Winsum:

Nog steeds op wacht – de grutto bij Hekkum:

Zwarte kraai lijkt vast te zitten op paal (ik kon er helaas niet bij om hem te bevrijden):


Rondje Lutjegast – Niehove

Bootjesvertier bij de Westpoortbrug:

Gezicht op Lagemeeden vanaf het Hoendiep:

Volop havikskruid in de berm van de Fanerweg:

Ouwe trekker, ’t Faan:

Windwijzer, ’t Faan:

Bij Niekerk:

Kolonelsdiepje, Oosterzand:

Klaprozen langs het Buiksteder fietspad, Lutjegast:

Hooiland bij de Buikstede:

Handstand in tuin Grijpskerk:

Dijkopgang even voorbij Kommerzijl:

Op het terras van Eisseshof, ooit het rechthuis van Niehove:


Alle beetjes helpen

Langs dat wegje rijden gewoonlijk alleen fietsers. Het hooi van de berm is dus geschikt voor consumptie:


Avondrondje Beswerd – Hekkum

Gapend paard in het Viooltjesland langs de Roderwolderdijk, Vierverlaten:

Bij de Zuidwending, onder Nieuwbrug:

Steentil – hier zijn nog wel wat meer fietsers onderweg, verderop nauwelijks meer::

Scholekster op wacht bij Fransum:

Haas in hooiland:

En weg was Zoef:

Bij Beswerd – de nieuwe hoogspanningslijn dringt zich visueel meer op dan de oude:

50 tinten groen:

Anders dan bij Den Horn is de populierenrij bij Beswerd nog blijven staan:

Nog steeds Beswerd – boerenschuur halverwege afbraak – de liggers van het gebint lijken ouder dan de zuilen:

Hier is het even holdert:

Via Feerwerd en Garnwerd naar de andere kant van het Reitdiep. Jongen springt van de brug in Garnwerd:

Wakende grutto bij Hekkum:

Ook bij Hekkum:

Koeien op de dijk bij de Wierumerschouw:

Bij Dorkwerd – paarden op afgehooid land doen zich tegoed aan de slootwal. Het klonk heel knapperig:


Rondje Allardsoog – Haulerwijk

Het hondepaadje naar het viaduct over de A7 bij de Roderwolderdijk, Hoogkerk:

Bij Sandebuur – even poseren voor de fotograaf tijdens het snoetjeknovveln:

Sandebuur – er staat nu een bankje bij de overdekte koelkast met eieren etc.:

Fietspad Roderwolde – Leek; schapen zoeken al vroeg in de middag de schaduw op:

Oud stukje zandweg bij de es van Leutingewolde:

Boomgaard op het Baggelveld bij Ter Heijl:

Lama’s bij ’t Blaauw onder Zevenhuizen:

Kastanjelommer – Allardsoog:

Allardsoog is ontstaan als herberg, uitspanning en tolhuis langs de postroute tussen Norg en Donkerbroek. Hoewel er een mooi verhaal is over de gevelsteen, als zou eigenaar en vervener Allard Scheltinga er (zinnebeeldig) zijn drie losbandige zonen mee in de gaten willen houden, denk ik toch dat er een andere verklaring voor de naam is. Oog – denk aan Schiermonnikoog, Wangeroog, Spiekeroog etc. – is een oude aanduiding voor eiland. Allardsoog lag als een eiland, als een groene oase in een enorm, nog onontgonnen en hier en daar vrij nat hoogveengebied. Je kon er uren ver over de heiden kijken. Het oog hield ook een waarschuwing in voor mensen die Allards “Drentsche” tol wilden ontduiken: ze zouden geheid in de gaten lopen:

Kanaal bij Haulerwijk:

Blauwe lupines in een bomenstrook bij de ondergrondse gasopslag, Langelo:

Véél lupines:

Beekdallandschap bij Roden:

Wit vee bij Foxwolde. Het werd allengs heiïeger, maar de hele tocht bleef het droog. Het voelde ook niet drukkend aan of zo:

Ooievaar met jong, Roderwolde:

Brem bij slenk in de Onlanden:


Rondje Donderen – Glimmen

Omgelegde Eelderdiep ter hoogte van nieuw Eelderwolde:

Achter de Onlanderij staat alles nog steeds blank:

Buurmans gras is altijd groener:

Tussen Bunne en Donderen:

Bij Donderen zijn de paardebloemen al uitgebloeid:

Donderen, de kant van Vries op:

Turuggekeerd naar Donderen en de weg naar Yde genomen:

Oude Aweg, Glimmen:


Rondje Ter Heijl – Enumatil

Matsloot:

Sandebuur:

Leutingewolde:

Bij de Toutenburgsingel:

Toutenburgsingel:

Langs de Toutenburgsingel:

Toutenburgsingel:

Bij Rome – de koe graast op Drents grondgebied, de huizen op de achtergrond langs de Diepswal van het Leeksterhoofddiep zijn Gronings:

Figuur op de poort van Nienoord lijkt op een van de Marx Brothers:

Bij Midwolde:

Bij Lettelbert:

Nog maar eentje:

Bovenmaatse potloden aan de andere kant van de A7:

Rijtje populieren (ree van een verdwenen boerderij) op dezelfde locatie:

Blauwgras bij het Lettelberterdiep:

Molen Enumatil:

Bij Pabema tussen Enumatil en Zuidhorn:

Op een slootwal bij het Hornpad tussen Zuidhorn en Den Horn:

Lagemeeden, bij de Nutweg:

Lagemeeden, bij het pad naar de Poffert:


Huize Hakbijl

Deze advertentie kwam ik tegen in een VVV-achtige uitgave uit 1935, verzorgd door het reclamebureau Realta, dat “in samenwerking met” het Noordelijk Economisch en Technologisch Bureau NETO soortgelijke propaganda verzorgde in de vorm van Groningen en Drenthe in den opgang!.  

Dat er vroeger particuliere inrichtingen bestonden, waar de beter gesitueerde “zenuwzieken” een uitstekende verzorging genoten in een aangename, rustige en vooral ook lommerrijke omgeving, was me bekend. In Groninger stukken uit de achttiende eeuw is soms al sprake van dergelijke “verbeterhuizen”, al stonden die meestal op enkele dagreizen afstand.

Huize Hakbijl kende ik nog niet. Volgens vestigingsadvertenties in een select aantal noordelijke kranten, opende het eind maart 1933 zijn deuren in Villa Volonté, destijds een groot en gezichtsbepalend pand aan de Verlengde Hereweg, op nummer 189. De Noord-Ooster uit Veendam besteedde er op 4 april zelfs nog een redactioneel stukje aan, dat de advertentie nog eens dunnetjes uitkauwde

In villa „Volonté” aan den Verlengden Heere weg 189 te Groningen heeft de heer Hakbijl een inrichting geopend voor de verpleging van rustbehoevenden en lichte zenuwpatiënten. De villa is voor dit doel wel bijzonder geëigend: zij is gelegen in een buitengewoon aantrekkelijke omgeving en biedt aan de gasten al het comfort, dat men zich kan wenschen, ook kamers met warm en koud, stroomend water. De tuin biedt bij goed weer gezellige zitjes en noodigt uit tot een wandeling. Het uitzicht is onbelemmerd, terwijl overal volkomen rust wordt gewaarborgd. Het spreekt vanzelf, dat vooral ook aan de keuken de grootst mogelijke zorg wordt besteed.

Directeur-eigenaar Willem Frederik Hakbijl, was waarschijnlijk afkomstig uit de regio Rotterdam, en eerder gérant van sociëteit De Harmonie, maar daar in april 1932 wegens “persoonlijke kwesties” de laan uitgestuurd als pachter, hoewel zo’n 200 leden nog voor hem opkwamen. Naderhand bleek dat het conflict ging over het draaien van films in de Harmonie, hoewel de sociëteit zich solidair had verklaard met de Groninger bioscoopstaking. Hakbijl huurde Villa Volonté begin 1933 van K. Hooites Meursing, een fabrikant uit Hoogezand. Over de inrichtingsplannen schreef het Nieuwsblad:

dat een staf van verpleegsters onder leiding van een directrice aan de nieuwe inrichting zal worden, verbonden. Eenige Groningsche artsen hebben voor dit herstellingsoord veel belangstelling aan den dag gelegd, omdat zij hierin de mogelijkheid zien, dat hun patiënten voor een na-kuur nu in de buurt van de stad kunnen blijven, terwijl zij anders ver weg moeten.

Blijkbaar was het Noorden toch iets te beperkt als wervingsgebied, want naderhand (1935-1936) adverteerde Hakbijl uitsluitend nog in het landelijk verschijnende De Standaard. Gezien de antirevolutionaire signatuur van dat dagblad verwachtte Hakbijl vooral klandizie te kunnen krijgen vanuit gereformeerde kring.

In februari 1936 vroeg Huize Hakbijl nog een “net meisje voor dag en nacht, goed kunnende werken en katoen dragend”. Hadden andere stoffen een ongewenste uitwerking op de bewoners? Twee maanden nadien viel het doek voor Huize Hakbijl, althans, de handelsnaam werd gewijzigd in ‘Kliniek Volonté’. Wat inderdaad wel zo rustgevend klonk.

De kliniek bestond nog in 1941. Hakbijl bleef intussen in de stad Groningen wonen, maar veranderde van werkkring. Als ambtenaar van de distributiedienst kwam hij eind 1941 met veertien collega’s landelijk in het nieuws door fraude met ongedateerde distributiebonnen. Na de oorlog werd hem dat duidelijk niet meer aangerekend, want toen dook hij op als “comptabele” bij het Provinciaal Bureau voor Bijzondere Jeugdzorg. Waar hij overleed, is onbekend.


Hoe het GGG adverteerde

In het archief van het Gemeentelijk Gasbedrijf Groningen (GGG) zitten enkele dossiertjes over de contacten met het reclamebureau Realta, dat in de jaren 30, 40 en 50 de publiciteit voor de GGG regelde. Het ging voornamelijk om advertenties in kranten, waarbij voor de oorlog de regelprijs bij het Nieuwsblad van het Noorden (15 cent), beduidend hoger bleek dan die van het Volksblad (10 cent), Ons Noorden ( 9 cent), Nieuwe Provinciale Groninger Courant (8 cent) en het Groninger Dagblad (8 cent). Waarschijnlijk hing dit samen met de oplagen – die van het ‘neutrale ‘Nieuwsblad was immers veel hoger dan die van de sociaaldemocratische, katholieke, gereformeerde en oud-liberale concurrenten.

Omdat Realta goed was in tekenwerk, was ik daarnaar op zoek. De oogst viel tegen. De modelletje en drukproeven in beide dossiers bevatten nauwelijks iets van dien aard. Voor de liefhebber hier een kleine dwarsdoorsnede van het spul dat ik aantrof:

  • Modelletje voor een stopper (bedoeld voor tussen de rubrieksadvertenties), die zich richt op zindelijke en verstandige huismoeders::
  • Een in vergetelheid geraakte innovatie – het gasstrijkijzer:
  • Toen er nog geen gas (en electra) was, moest je voor heet water ’s morgens eerst vuur in de haard aanmaken, of een wekker (m/v) inhuren die je het kwam brengen. Met ’t stadsgas van het GGG had je 24 uur per dag en zeven dagen in de week heet water tot je beschikking:
  • Proefdrukje van eind 1942 maakt landelijke boeteregeling bekend voor mensen die meer gas en elektriciteit gebuikten dan hun rantsoen toestond:

Bron: Groninger Archieven, Toegang 1441 (archief gasbedrijf) inv.nrs. 359 en 821: contacten met Realta.


“Geniet van het leven, het duurt maar even”

Op 16 november 1965 brak er op twee plaatsen brand uit in het afbraakwoninkje van de weduwe Oktje Minnema-Groenewold (85) aan de Cubastraat in Groningen. Veel moeite had de brandweer er niet mee. Met een welgemikte miststraal maakte ze een eind aan de brand. De schade bleek ook minimaal.

De weduwe had natte kleren voor de kachel over een stoel gelegd. Toen de kleren waren gaan branden, legde ze die in het achterhuis neer. Kennelijk werd er aan haar verstandelijke vermogens getwijfeld; ze kreeg een plekje in de inrichting ‘Licht en Kracht’ te Assen.

Intussen maakte de GGD een serie foto’s van de tamelijk afgrijselijke woonsituatie bij haar in huis. Ze leek meubilair bij het grof vuil weg te halen en op te potten. Haar hondje sliep doodgemoedereerd op een goor bed. Aan de muur boven dat bed hingen foto’s van wijlen haar man Minne – ooit machinist, maar later fabrieksarbeider en los werkman – en haar zoon naast kalenderplaten, een leeg brievenbakje en een uitgeknipte krantenkop: “Geniet van het leven, het duurt maar even”.


Onlander ommetje


Perton op Streetview

Eind juni vorig jaar werd ik bij de uitgang van de fietsenkelder van de Groninger Archieven gepasseerd door een blauw wagentje van Google Streetview en maakte daar nog een logje over::

In de verwachting dat mijn persoon straks op Streetview te zien zou zijn, nam ik me voor om regelmatig even te kijken of de foto’s al waren geplaatst, maar vergat dat ook weer in een druk seizoen. Tot ik er vandaag aan werd herinnerd door Hendrika. Zij had gezien dat de foto’s waren geplaatst.

Het moment dat de Googlewagen me passeert, me van bovenaf fotografeert en ik hem in de smiezen krijg:

Als hij gepasseerd is, sluit ik me achter hem aan en probeer mijn camera te pakken:

Bij de Emmasingel, terwijl ik zelf fietsend aan het fotogaferen ben, heeft hij me nog eens gekiekt.

Inderdaad is mijn gezicht steeds geblurred, wat, zoals gezegd, voor mij niet zo had gehoeven.

Wie het allemaal nog eens op Streetview zelf wil zien, ziehier.

Hendrika, bedankt!


Rondje Eiteweert – Leegkerk

Bloeiende brem op viaduct Eemsgolaan:

Elektrische scootertjes van Go Sharing bij het Transferium Hoogkerk:

Helm op een afwijkende scooter, ook daar:

Bij het Peizerdiep, Eiteweert:

In de tuin bij Eiteweert:

Bij de Nutweg, Lagemeeden:

Blaarkoppen bij het Tichelwerkpad, Leegkerk:

Glas in lood in de kerk van Hoogkerk:


Twiet!


Hemelvaartrondje Zijldijk

Bordje op voormalige smederij in Thesinge. Niet nodig gehad, gelukkig:

Blauwgras op slootwal bij Sint Annen:

Loppersum:

Doel van de fietstocht: het fotograferen van huizen en boerderijen, ontworpen door de Lopster architect Tamme ten Hoorn. In de volgende editie van Stad & Lande komt een artikel over diens leven en werk. Dit fantastische pand staat aan de Stationslaan in Loppersum, zo’n beetje tegenover het station:

De eigenaar kwam tevoorschijn en vertelde het een en ander over de moeite die het heeft gekost om het, ondanks de gasbevingen, in deze staat te krijgen. Vanwege Hemelvaart waren veel mensen thuis en in de tuin bezig, dus ik heb er nogal wat gesproken. De meesten waren vol liefde voor hun onderkomens en vonden het goed dat ik er een fotorondje omheen maakte. Een enkeling nodigde me zelfs binnen uit. Helaas was er ook een enkele uitzondering die het – eveneens door de gasbevingsschade – ’t liefst zo snel mogelijk wilden slopen. Daar mocht ik dus geen rondje om het huis maken, want foto’s in ons cultuurhistorische tijdschrift zouden de afbraak alleen maar verder kunnen ontmoedigen. Tja.

Bij Zeerijp:

Entree Zeerijp:

Bollenveld even voorbij Zeerijp:

Gezicht op ’t Zandt:

Gedenksteen herinnerend aan de reparatie van de kerktoren in ’t Zandt (1714):

Voormalige gereformeerde kerk, Zijldijk:

Ietwat verscholen staat de doopsgezinde kerk van Zijldijk, uit 1772:

Dorpsgezicht bij de Zijldijkster Kalverstraat:

Dorpsgezicht Oldenzijl:

Kleine kudde paarden langs de weg daar:

Bij Eppenhuizen:

Op de kop van de weg in Garsthuizen:

Het wonderbaarlijk fraaie baarhuisje op de begraafplaats van Garsthuizen:

Dorpsgezicht Westeremden:

Paadje naar het kerkhof, Westeremden:

Ontluikend esdoornblad:

Boerderij in het veld ten zuiden van Stedum (waar al volop gemaaid werd):

Peertil:

Patchwork oude molen Garmerwolde:

Op het Emmaplein in Stad: