Dikke dogge

Aasje oet station van Hazzen kommen, stait doar een haile dikke hond op wacht. Ain richtige helhond! Nont zwoait nait vrundlik mit steert zoas ome Loeks zien peerd veur ’t station van Grunnen dat döt. Hai het ook aignlieks niks op mit Grunnegers, ken’k joe vertellen:

Mie luit e doodmakkelk pazzeren omdat ik mit mien paspoort ’n jeugd op Drenthe antonen kon. Moar wees woarschaauwd: gewoonlieks luit e gain enkelde Grunneger deur. Zölfs gain lutje potje of beudel! Votdoalik as e doar de lucht van ien neuze krigt, springt e der bovenop en den is ’t hap, sloek, vot, inains deur zien monsterachtige moele. Den binje haailendaal verzwonnen veurdat je ’t waiten! En gainaine dei wait woar je bleven bin’n. Aldertreurigst ist, ook veur de femilie!

‘k Zol der moar baange veur wezen, hè?! Ik heb joe woarschaauwd en woarschaauwd mins telt veur tweie. Laiver Blojan den Dojan. Pas op hur, woart joe veur dei hond!


Ploeg Hotspot

Eerste Drift bij de Spilsluizen

DSC04233 (2)

Naschrift:
Werd er op gewezen dat Johan Dijkstra op Eerste Drift 3A woonde en niet Jan Wiegers. Opgezocht in Adresboek van 1961 en dat bleek te kloppen.


Zwamkunst

Was al een paar keer langs het paadje in het Stadspark gekomen en merkte opeens iets nieuws en vreemds op: fraaie zwammen op een dode boom:

Ze waren me iets te mooi verspreid over de bast, ze leken gearrangeerd. De zwammen op zich waren me ook wat al te mooi, er was niets dat ze op natuurlijke wijze degradeerde, hetgeen de gedachte deed postvatten dat het om kunst ging, menselijke moedwil.

Bij een nieuwe passage maar even de proef op de som genomen. Hoewel er vrij veel doornachtig struweel voor de boom lag, viel de boom via een omtrekkende beweging nog wel te benaderen. Ik zette mijn duimnagel op zo’n zwam en drukte – de zwam bleek onnatuurlijk hard. Ik keek onder de zwammen, waar iemand ze bleek te hebben voorzien van houten zooltjes. Deze leken bevestigd met kleine spijkertjes.

Het was dus kunst.

Zwamkunst!

(Maar de reacties stellen mij in het ongelijk.)


Graffiti uiteind Viaductstraat

Gezien aan het westelijke uiteind van de Viaductstraat, op de bouwschutting die het kaalgeslagen terrein van de afgebroken postflat omgeeft:

Eekhoorn tegen berk of abeel:
DSC03500 ipv 6
Wat meer omgeving erbij:
DSC03501 was 5
De timmerman Jan Boerenfluitjes:
DSC03502
Namedropping:
DSC03507 ipv 497


Een slang aan de Peizerweg

DSC03111 graffiti Peizerweg

Dat wil zeggen: graffiti op een loods die te vinden is op het Suikerfabrieksterrein, maar die alleen zichtbaar vanaf de Peizerweg.

 


Medicijnenafhaalautomaat

Al een tijdje hangen bij een apotheek aan het Hoendiep twee automaten met stripachtige tekeningetjes, die me in het voorbijgaan zeer intrigeerden. De automaten blijken te dienen voor het 24/7 kunnen afhalen van medicijnen zonder dat je binnen bij de apotheekbalie hoeft te zijn – het gaat dan bijvoorbeeld om anticonceptiepillen. De prachtige tekeningetjes, van niemand minder dan Joost Swarte, leggen uit hoe het globaal werkt:


Hoe de evacués uit Roermond werden opgevangen in Stadskanaal

In een cahier met de getekende oorlogsdagboeken van landschapsarchitect Geke Hollema (1919-1991) zit een soort strip opgevouwen, over de opvang van Roermondse evacué’s in Stadskanaal, op 26 en 27 januari 1945. Hollema was daarbij, waarschijnlijk als chauffeur van een ploeg verpleegsters uit Veendam. Hier volgt zijn strip:


De ploeg moest urenlang blauwbekken voordat het vervoer naar Stadskanaal arriveerde:

De 600 Roermondenaren deden de reis per goederentrein, destijds een hachelijke onderneming met alle geallieerde jachtvliegtuigen in de lucht. Het uitladen van 600 Roermondenaren in Stadskanaal, die avond, bij 18 graden vorst:

De Veendammer verpleegsters konden meteen aan de slag met het ontdooien van voeten en het verzorgen van vrieswondjes:

Een auto voor de aanvoer van opgerolde slaapmatjes (?) weigerde dienst op de gladde weg:

Dus sliep de ploeg uit Veendam op stro:

De volgende ochtend maakte de ploeg een ontbijt voor de geëvacuueerden, en verschoonde ze baby’s:

Met de auto ging het weer op huis aan:

Zoef:

Bron


Heldenslag

Groningen heeft eindelijk een heldenstandbeeld. Niet zo’n miezerig borstbeeldje als van Rabenhaupt, Guyot of majoor Thomson, nee, een larger than live hero, die van zins lijkt het gele steenhuis te bestormen:

De naam van onze held is nog onbekend. Het Centrum voor Beeldende Kunst (zeg maar de kunstuitleen) heeft hem op een sokkel neergezet als vaandeldrager voor Eurosonic/Noorderslag:

Van voren vind ik hem een beetje eng:

Op een steenworp afstand maakt het verhuisde en omgedoopte Stripmuseum goede sier met een andere held – Spiderman:

Dat wordt nog dikke knokkerij, jongens.


Willemens kijk op jonge boeren

De politiek tekenaar Kees Willemen werkt aan een boek, gebaseerd op vier jaargangen ‘De winkelhaak‘, sinds 2015 zijn dagelijks weblog op Facebook over natuur, landbouw en plattelandsleven. Wie niet op Facebook zit, kan zolang het schrijfproces duurt, dagelijks een verse cartoon van Kees in zijn mailbox ontvangen. Dit is de zending van vandaag.


Graffiti Van Iddekingeweg

Voor mij nieuwe graffiti onder het Van Iddekinge-viaduct.

SF-monster:

Schildpad met spuitbussenschild:

Hond met kluif:

Disney-geïnspireerd:

Die van het meisje is blijven staan.


‘Fog everywhere’

Fog everywhere. Fog up the river, where it flows among green aits and meadows; fog down the river, where it rolls defiled among the tiers of shipping and the waterside pollutions of a great (and dirty) city. Fog on the Essex marshes, fog on the Kentish heights. Fog creeping into the cabooses of collier-brigs; fog lying out on the yards, and hovering in the rigging of great ships; fog drooping on the gunwales of barges and small boats. Fog in the eyes and throats of ancient Greenwich pensioners, wheezing by the firesides of their wards; fog in the stem and bowl of the afternoon pipe of the wrathful skipper, down in his close cabin; fog cruelly pinching the toes and fingers of his shivering little aprentice boy on deck. Chance people on the bridges peeping over the parapets into a nether sky of fog, with fog all round them, as if they were up in a balloon, and hanging in the misty clouds.

Charles Dickens, Bleak House, chapter 1.

Voorgelezen met beeld dat het woord onvoldoende recht doet.


Peerdjes op torens

Net als de peerdjes in de achtergevels van Groninger boerderijen zijn de peerdjes als windvanen allemaal verschillend en daarmee waarschijnlijk het fabrikaat van lokale smeden:

Trof deze aan in de beeldbank van de RCE. Het betreft een vrij recente calque van een Monumentenzorgtekenaar. Te zien zijn op de bovenste rij de windvanen van de hervormde kerken in Scheemda en Noordhorn, op de tweede rij die van de toren in Beerta en de Martinitoren in Stad, op de derde rij die van de Fraeylemaborg en de Winschoter kerktoren, op de vierde rij die van de toren in Finsterwolde en Openluchtmuseum ’t Hoogeland in Warffum en helemaal onderaan die van de Bellingwolder toren.


Smidsdiploma


De handgeschreven invulteksten op dit smidsdiploma zijn aanzienlijk verbleekt en nauwelijks meer leesbaar, maar het werd op 4 augustus 1956 uitgereikt aan een Jacob Hofstee, dan bijna 30 jaar oud en geboren te Uithuizermeeden.

Linksonder een soldeerbout en rechtsonder een aanbeeld, met een hamer en oplaaiend vuur. De stijl doet jaren 30 aan. Wellicht had de vakopleiding nog een stapeltje vooroorlogse diploma’s liggen.

Het drukwerkje tikte ik op de kop bij de veiling van Boekito’s schilderijen, begin deze maand in het Poortershoes, het buurthuis van de Oosterpoort waar Boekito vlakbij woonde en ook redelijk vaak kwam. Hij heeft in maart een hersenbloeding gehad en kan nauwelijks meer praten. Zijn huis is ontruimd en bijna al zijn boeken zijn naar de stort gegaan: een drama voor de boekenverzamelaar.

Voor zover ik zag, werd er op zijn schilderijenveiling redelijk wat verkocht, meest romantische werken. Was wel een komisch gezicht in de buurt, om jongelui met zulk werk door de straten te zien lopen. Boekito zelf zag ik niet bij de veiling, op de deur van het buurthuis hing een briefje dat die pas ’s middags zou komen.

 


Graffiti op het hoekje van de Westerhaven


Fietstunnel Peizerwold nadert oplevering

Op het oog ligt er een prima wegdek in de nieuwe fietstunnel bij het tolhuis van Peizerwold. Toch staan er nog allemaal hekken omheen en de conclusie is dan al gauw dat dat komt doordat het schilderwerk nog niet af is:

De ondergrond is wel zo’n beetje aangebracht, maar er komen nog diverse figuren op. Deze Hooglander staat er al:

Net als deze vrouwen waarvan de ene lijkt te vliegeren, als ze niet aan tai chi doet:

En deze hooibalen moeten wellicht nog wat geler:

De kunstenaar bleek druk aan het werk in het westelijke deel, dat naast het tolhuis uitkomt:

Even een vlekje weghalend:

Op dit gedeelte staat een kip van het soort zoals de tolhuisbewoners ook hebben:

Alles dichtbij de hand – volgens hem ging de tunnel in november open, ik meen op de zesde:

Weer bij de Groningerweg om over te steken, bleek het inmiddels razend druk op de weg, met files vanuit beide richtingen. Bij de oversteek verzamelden zich dan ook behoorlijk wat fietsers. Een oudere man wilde het erop wagen en kon nog net aan zijn arm worden tegengehouden. Kortom: deze tunnel voorziet in een grote behoefte.