Een zinnebeeld voor Twitter?

Bron: Verzameling van aardige en het verstand opscherpende anekdoten (Rotterdam 1814) nr. 186.

Naschrift: Ghurabalbayn wees mij op dit iets latere gedicht van Staring:

Advertenties

Vermist gedicht van Griep gevonden. Nu de foto van Poppema’s bijenstal nog

2015-08-02 009

Jelte Dijkstra alias Nicolaas Grijp alias Nikloas Griep. Portret op plaquette in Grijpskerk.

Medio juli zoekend op ‘iemen’ (bijen), trof ik via Delpher een stukje uit een Noorder Rondblik van 1988, dat gaat over een gedicht ‘Iemen’ van Nicolaas Grijp (= Jelte Dijkstra). Dat gedicht was opgedragen aan de imker Eduard Poppema (18841971) uit Grijpskerk, de overbuurman van de dichter, die een mooie bijenstal had. Helaas waren diens nazaten het gedicht krijtgeraakt. Het had nog in een onbekend Westerkwartiers huis-aan-huisblaadje gestaan, maar onopgemerkt, vandaar dat de Familiekring Poppema een oproepje deed in de Noorder Rondblik om het terug te vinden.

In dezelfde rubriek kwam het gedicht later niet meer ter sprake. Ik neem aan dat de familie Poppema zich wel met het gedicht gemeld zou hebben als de oproep tot het gewenste resultaat had geleid. Uit het ontbreken van een melding terzake leid ik dan ook af dat de oproep van de familie geen succes had.

Intussen was ik wel benieuwd geworden naar dat gedicht, en dus schreef ik een paar mensen aan die het oeuvre van Nicolaas Grijp goed kennen. Het bleek dat er eerder ook in hun kring pogingen waren ondernomen om het gedicht te achterhalen. Die waren al even vergeefs geweest: “Goa der mor van uut: die iemen bennen votvlogen”.

Vandaag tussen de middag kreeg ik opeens een brainwave en bedacht dat Grijp ook wel eens op zijn Gronings Griep kon heten. Inderdaad leverde die vergroningste achternaam twee bloemleesbundels op in de bibliotheek van de Groninger Archieven, beide samengesteld door Jan Boer uit (nagelaten) werk van “Nikl. Griep”. Vervolgens ben ik opnieuw in Delpher gaan zoeken met “Nikl* Griep” en met de nadere toevoeging “iemen” kwam het gedicht daar inderdaad meteen tevoorschijn:

Iemen
(veur E.P., iemker)

Van ’t eene kerwei geit ’t noar ’t aanner kerwei,
Van ’t koolzoad gauw noar de greide:
Doar bloeide de kloaver soo soet op de klei,
En nou ben wij gasten op d’heide!

’t Geit uut en ién ’t vlieggat, met man en macht;
’t Is soeken en sugen en swaarmen,
Want as er niet waarkt wordt veur ’t noageslacht.
Dan moeten ons volken veraarmen.

As ’t blauw van de lucht over ’t sangen hen bugt,
En de wereld leit welig te fleuren,
Dan weren w’ ons geducht, want dan hemmen w’ onze nucht,
En wij duzeln van reuken en kleuren!

Ons hunnig is blank of goldgeel of bruun
En boordevol krachten veur ’t leven;
Wij swaarven wied weg over dunen en kruun, —
Nee — veur niks wordt die segen niet geven!

Ik zal niet zeggen dat het een wereldgedicht is, maar toch is het zeer bevredigend om het gevonden te hebben. Nu hoop ik nog alleen, dat iemand van de familie Poppema zich bij me meldt, die afweet van de zoekhistorie destijds. Ik ben namelijk ook nog erg benieuwd naar de foto, die bij het gedicht hoorde. Daarop staat de bijenstal van Eduard Poppema.

Alvast zeer bedankt voor uw reactie hier of per mail!

Met dank aan Tonko Ufkes en Bindert Helder voor het mee helpen zoeken.


Een eerbetoon aan Jan Steen

Hoe de Nietapster Jan Steenstraat haar naamgever eert:

Hoog in de hemelen, op de afdeling schilders, subgroep grootmeesters van de Gouden Eeuw, zit iemand sardonisch te lachen.


Gevelsteen markeert herbouw apotheek

Stond vanavond nog wat met H. na te praten in de Raamstraat, vlakbij de Herestraat, toen me deze gevelsteen in het oog sprong. Moet hem natuurlijk wel eens eerder hebben gezien, maar nu pas viel hij me echt op, dankzij het strijklicht.

De steen zal een soort eerste steen zijn geweest. Apotheek Oldeman heropende namelijk niet in 1948, maar op maandag 31 januari 1949 haar deuren op deze plek. Sinds 1932 was ze hier gevestigd geweest, maar bij de Bevrijding was het oude pand in vlammen opgegaan, zodat het bedrijf een paar jaar bij een andere apotheek in moest wonen. Daar kwam een eind aan met de oplevering van het wederopbouwpand dat er nu nog staat, een ontwerp van het architectenbureau Nijhuis & Reker. Destijds werd vooral de verkoopruimte in het pand fraai gevonden – dankzij een groot oppervlak aan glas ving die veel licht.


Intrigerende prent van Melgers

Henk Melgers – Muzikant / Musicerende boer (1926). Collectie Groninger Museum.

Het werk dat me het meest is bijgebleven van die eendaagse Ploegtentoonstelling, vorige week zaterdag in Loppersum, is de ‘Muzikant’, ook wel ‘De musicerende boer’, een linosnede van Henk Melgers uit 1926. Gelukkig heeft het Groninger Museum ook een exemplaar, zodat ik ’t hier kan tonen zonder gebruik te hoeven maken van een wederrechtelijk gemaakte foto.

Centraal in beeld van de bewuste lino staat een geconcentreerde vioolspeler. Onder de man ligt een melkkrukje, wat de suggestie wekt dat hij net is opgestaan. Hij gaat dan op in zijn muziek, die schwung krijgt.

Om hem heen een aandachtig gehoor van boerderijdieren: een paard, een koe, een haan met wat kippen en een eend. Op de achtergrond leunt een vrouw met haar ellebogen op de koe. Het zal de boerin zijn. Kijkt ze nou sceptisch, of laat ze zich meevoeren door de muziek en geeft ze zich gewonnen? Als de man muzikant is, komt hij van elders en moet hij wat van haar; als hij haar musicerende echtgenoot zou zijn, is het tafereel curieus maar arcadisch.,

De scène lijkt deel uit te maken van een groter verhaal. Melgers illustreerde ook wel boeken. Misschien stond de prent in een boek?


De eerste tien jaar van De Ploeg


Boekhandelsbevordering in ’t Fin de siècle

Uit de catalogus bij de eerste tentoonstelling van de Vereeninging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels (1881):

Advertenties van belangrijke leveranciers. Europa in al zijn heerlijkheid geschetst, en dan zo’n wrakke molen bij maanlicht:

Staaltje van Spin & Zoon, Amsterdam:

Uit een advertentie van de courant Het Nieuws van den Dag – impressie van de krantendrukkerij:

Voor ’t Jonge volkje – de voorganger van Hitweek en Aloha:

Nog zo’n catalogus, nu uit 1892:

Uit de advertentie van Het Nieuws van den Dag:

De steendrukkerij van Tresling, met een portretje van Senefelder:

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 1733 (archief Boekverkoperscollege Groningen) inv.nrs. 116 en 117.