‘Fog everywhere’

Fog everywhere. Fog up the river, where it flows among green aits and meadows; fog down the river, where it rolls defiled among the tiers of shipping and the waterside pollutions of a great (and dirty) city. Fog on the Essex marshes, fog on the Kentish heights. Fog creeping into the cabooses of collier-brigs; fog lying out on the yards, and hovering in the rigging of great ships; fog drooping on the gunwales of barges and small boats. Fog in the eyes and throats of ancient Greenwich pensioners, wheezing by the firesides of their wards; fog in the stem and bowl of the afternoon pipe of the wrathful skipper, down in his close cabin; fog cruelly pinching the toes and fingers of his shivering little aprentice boy on deck. Chance people on the bridges peeping over the parapets into a nether sky of fog, with fog all round them, as if they were up in a balloon, and hanging in the misty clouds.

Charles Dickens, Bleak House, chapter 1.

Voorgelezen met beeld dat het woord onvoldoende recht doet.


Peerdjes op torens

Net als de peerdjes in de achtergevels van Groninger boerderijen zijn de peerdjes als windvanen allemaal verschillend en daarmee waarschijnlijk het fabrikaat van lokale smeden:

Trof deze aan in de beeldbank van de RCE. Het betreft een vrij recente calque van een Monumentenzorgtekenaar. Te zien zijn op de bovenste rij de windvanen van de hervormde kerken in Scheemda en Noordhorn, op de tweede rij die van de toren in Beerta en de Martinitoren in Stad, op de derde rij die van de Fraeylemaborg en de Winschoter kerktoren, op de vierde rij die van de toren in Finsterwolde en Openluchtmuseum ’t Hoogeland in Warffum en helemaal onderaan die van de Bellingwolder toren.


Smidsdiploma


De handgeschreven invulteksten op dit smidsdiploma zijn aanzienlijk verbleekt en nauwelijks meer leesbaar, maar het werd op 4 augustus 1956 uitgereikt aan een Jacob Hofstee, dan bijna 30 jaar oud en geboren te Uithuizermeeden.

Linksonder een soldeerbout en rechtsonder een aanbeeld, met een hamer en oplaaiend vuur. De stijl doet jaren 30 aan. Wellicht had de vakopleiding nog een stapeltje vooroorlogse diploma’s liggen.

Het drukwerkje tikte ik op de kop bij de veiling van Boekito’s schilderijen, begin deze maand in het Poortershoes, het buurthuis van de Oosterpoort waar Boekito vlakbij woonde en ook redelijk vaak kwam. Hij heeft in maart een hersenbloeding gehad en kan nauwelijks meer praten. Zijn huis is ontruimd en bijna al zijn boeken zijn naar de stort gegaan: een drama voor de boekenverzamelaar.

Voor zover ik zag, werd er op zijn schilderijenveiling redelijk wat verkocht, meest romantische werken. Was wel een komisch gezicht in de buurt, om jongelui met zulk werk door de straten te zien lopen. Boekito zelf zag ik niet bij de veiling, op de deur van het buurthuis hing een briefje dat die pas ’s middags zou komen.

 


Graffiti op het hoekje van de Westerhaven


Fietstunnel Peizerwold nadert oplevering

Op het oog ligt er een prima wegdek in de nieuwe fietstunnel bij het tolhuis van Peizerwold. Toch staan er nog allemaal hekken omheen en de conclusie is dan al gauw dat dat komt doordat het schilderwerk nog niet af is:

De ondergrond is wel zo’n beetje aangebracht, maar er komen nog diverse figuren op. Deze Hooglander staat er al:

Net als deze vrouwen waarvan de ene lijkt te vliegeren, als ze niet aan tai chi doet:

En deze hooibalen moeten wellicht nog wat geler:

De kunstenaar bleek druk aan het werk in het westelijke deel, dat naast het tolhuis uitkomt:

Even een vlekje weghalend:

Op dit gedeelte staat een kip van het soort zoals de tolhuisbewoners ook hebben:

Alles dichtbij de hand – volgens hem ging de tunnel in november open, ik meen op de zesde:

Weer bij de Groningerweg om over te steken, bleek het inmiddels razend druk op de weg, met files vanuit beide richtingen. Bij de oversteek verzamelden zich dan ook behoorlijk wat fietsers. Een oudere man wilde het erop wagen en kon nog net aan zijn arm worden tegengehouden. Kortom: deze tunnel voorziet in een grote behoefte.


Middagje fraai en curieus

Moest voor wat foto’s naar het Universiteitsmuseum, waar ik al een hele poos niet meer was geweest. Het betekende een weerzien na zoveel jaar met de ramen van Asperslagh. Diens uil:

En diens haan:

In de zaal een enorme verzameling opgezette beesten. Poolvos:

In een barok naturaliënkabinet deze beknevelde soldaat:

Een stukje erfenis van het volkenkundig museum Gerardus van der Leeuw hing in de vitrine op de kopse kant van de zaal . Masker uit Zaïre:

Masker uit Nigeria:

Weer buiten. Had onderweg gezien dat er een antiek- en rommelmarkt was op de Vismarkt en moest daar natuurlijk wel even kijken. Man bestudeert oude foto:

Eenvoud is het kenmerk van het ware – mooi vormgegeven reclamebord:

Lelijke eend van blik. Mogelijk huisvlijt, gezien het onbeholpen Citroënlogo. Nu ik hem weerzie had ik het karretje wel willen kopen:

Houtbouwdoos, Duits:

Stormaanval der dappere Zouaven, soldaten van de paus – schoolplaat gebruikt in het roomskatholiek  onderwijs:

Medallies, waar mensen ooit een bult voor hebben gedaan. Nu een ongesorteerd hoop rommel waar niemand meer belangstelling voor heeft:


Op visite in het Scholtenhuis

Interieurfoto’s van het optrekje van W.A. Scholtenaan de oostzijde van de Grote Markt, 1918, aangetroffen in een overzichtje van het oeuvre van de Groninger (binnenhuis)architect P.M.A. Huurman:

– Entree woonhuis met licht van boven:

– Hal (met twee soorten marmer aan de muur en een palm die in de mode was):

– Eetkamer gezien naar de schouw met Delftsblauwe tegels:

– Eetkamer, de andere kant op. Het tafelkleed lijkt half versleten, daar waren de bewoners vast aan gehecht:

– Boudoir of kamertije bij de slaapkamer van de vrouw des huizes: