Intrigerende prent van Melgers

Henk Melgers – Muzikant / Musicerende boer (1926). Collectie Groninger Museum.

Het werk dat me het meest is bijgebleven van die eendaagse Ploegtentoonstelling, vorige week zaterdag in Loppersum, is de ‘Muzikant’, ook wel ‘De musicerende boer’, een linosnede van Henk Melgers uit 1926. Gelukkig heeft het Groninger Museum ook een exemplaar, zodat ik ’t hier kan tonen zonder gebruik te hoeven maken van een wederrechtelijk gemaakte foto.

Centraal in beeld van de bewuste lino staat een geconcentreerde vioolspeler. Onder de man ligt een melkkrukje, wat de suggestie wekt dat hij net is opgestaan. Hij gaat dan op in zijn muziek, die schwung krijgt.

Om hem heen een aandachtig gehoor van boerderijdieren: een paard, een koe, een haan met wat kippen en een eend. Op de achtergrond leunt een vrouw met haar ellebogen op de koe. Het zal de boerin zijn. Kijkt ze nou sceptisch, of laat ze zich meevoeren door de muziek en geeft ze zich gewonnen? Als de man muzikant is, komt hij van elders en moet hij wat van haar; als hij haar musicerende echtgenoot zou zijn, is het tafereel curieus maar arcadisch.,

De scène lijkt deel uit te maken van een groter verhaal. Melgers illustreerde ook wel boeken. Misschien stond de prent in een boek?

Advertenties

De eerste tien jaar van De Ploeg


Boekhandelsbevordering in ’t Fin de siècle

Uit de catalogus bij de eerste tentoonstelling van de Vereeninging ter Bevordering van de Belangen des Boekhandels (1881):

Advertenties van belangrijke leveranciers. Europa in al zijn heerlijkheid geschetst, en dan zo’n wrakke molen bij maanlicht:

Staaltje van Spin & Zoon, Amsterdam:

Uit een advertentie van de courant Het Nieuws van den Dag – impressie van de krantendrukkerij:

Voor ’t Jonge volkje – de voorganger van Hitweek en Aloha:

Nog zo’n catalogus, nu uit 1892:

Uit de advertentie van Het Nieuws van den Dag:

De steendrukkerij van Tresling, met een portretje van Senefelder:

Bron: RHC Groninger Archieven, Toegang 1733 (archief Boekverkoperscollege Groningen) inv.nrs. 116 en 117.


De gebrandschilderde ramen van de WEEVA

Dankzij een tweet van Pauline Broekema ontdek ik dat ik een serie foto’s, gemaakt in 2007 van de gebrandschilderde ramen in het Martinihotel, hier nooit geplaatst heb. Tijd om dit alsnog te doen!

Oorspronkelijk stond op deze lokatie aan het Groninger Zuiderdiep de Volksgaarkeuken, een laag gebouw uit 1871. In 1930 werd dit gemoderniseerd en hernoemd tot het Woon- en Eethuis voor Allen, onder Groningers beter bekend onder zijn  afkorting WEEVA. Volgens een van de ruiten werden de ramen geplaatst bij het 70-jarige bestaan van deze “inrichting”. Dat jubileum zal slaan op de Volksgaarkeuken – de ramen dateren derhalve uit 1941. Verder is er heel weinig documentatie over te vinden, zelfs de maker is onbekend, iets wat mogelijk samenhangt met de tijd dat ze vervaardigd werden. Ze hebben als onderwerp de manier waarop voedsel tot stand komt en met een portie onwelwillendheid zou je kunnen zeggen dat er een bloed- en bodemgeest uit spreekt. Aan bod komen fruitteelt, akkerbouw, jacht en visserij – merkwaardigerwijze ontbreekt echter de veehouderij. Of zouden die ramen verdwenen zijn?

Fruit – appels plukken:

Fruit – het wegbrengen van appels:

Fruit – peren plukken:

Fruit – peren wegbrengen:

Fruit – druiven, perziken, appels en een enkele peer, schenkkan en kaas:

Hetzelfde fruit, nu met een pompoen en een ham:

Groente – kolen:

Groente – wortels:

Groente – kolen, wortels, prei, uien, tomaten en knoflook:

Akkerbouw – ploegen:

Akkerbouw – eggen:

Akkerbouw – zaaien:

Akkerbouw – zichten:

Akkerbouw – aardappels poten:

Akkerbouw – aardappels rooien:

Jacht:

Jacht – opvliegende eenden:

Jacht – gevogelte:

Jacht – edelherten:

Visserij:


Een schoolmeester-filosoof die dagelijks de schelvisvangst voor ogen had

Schelvis, anoniem, 1560-1585. Collectie Rijksmuseum.

Schoolmeester Johannes à Brederode, die van 1646 tot 1662 in Beerta woonde en werkte, had enkele merkwaardige schilderijen aan de muur hangen, zoals blijkt uit een nooit geperfecteerde verkoopakte (1650):

“…een groot schilderije zijnde een schelvisvanck, een schilderije zijnde een schelvis, noch twee schilderijen zijnde twee troonjen…”

Aan de portretten kunnen we voorbijgaan, het gaat me om de schelvis en de schelvisvangst. Het lijkt erop dat de verzegelaar (de predikant van Beerta) meer van dergelijke schilderijen kende en daarmee doelde op een populair soort voorstellingen, net zoals bijvoorbeeld de vier jaargetijden dat waren. Voor schelvissen op zich mag het inderdaad zo zijn dat die wel meer werden uitgebeeld – het Rijksmuseum bezit een stuk of wat afbeeldingen uit de zeventiende eeuw, vooral stillevens, dus vast duidend op de vergankelijkheid – maar voor de schelvisvangst is dat absoluut niet zo, want daarvan heeft het Rijksmuseum slechts één enkele prent:

Schelvisvangst, prent door Caspar Luyken, 1711. Collectie Rijksmuseum.

Bovendien is de schelvis niet een vis die veel in de ondiepe Dollard werd gevangen – de Dollardvisserij hield zich meer bezig met grut als bot en garnaal. Schelvis was meer iets voor vissers uit Maassluis die zich met hun grotere schuiten iets verder van de kust af durfden wagen. Schelvis en schelvisvangst vormden daarmee voor de Oldambtster omgeving tamelijk exotische voorstellingen die appelleerden aan de persoonlijke smaak van meester Van Brederode zelf.

Volgens enige internet-genealogieën was Johannes à Brederode in 1608 geboren in Dokkum. Waarschijnlijk kwam hij uit een redelijk welgestelde familie, want begin 1635 schreef hij zich in als student filosofie aan de Groninger academie. Twee jaar later liet hij zich aannemen als gereformeerd  lidmaat, een standaard-voorwaarde om ergens als schoolmeester of predikant benoemd te kunnen worden. Mogelijk was hij, voordat hij naar Beerta kwam, nog schoolmeester in een andere plaats geweest.

Beerta had in de “Gouden Eeuw” dus een filosoof als schoolmeester die dagelijks een schelvis en een schelvisvangst voor ogen had. Je vraagt je af of hij daar in filosofische zin iets mee deed. Maar het kan natuurlijk ook zijn dat hij die schilderijen erfde. In dat geval zou zijn afkomst misschien licht kunnen werpen op zijn bezit van deze exotische konterfeitsels.


Gevleugeld varken

Aangetroffen in fietstunnel Friesestraatweg.


Vrouw met kat en kauw

In de Korte Nieuwstraat, Oosterpoort:

Toelichting.