Tuinfluiter

Tuinfluiter in bosje aan de Meerweg onder Leek.


Met dank aan @MarcoGlastra en @natuuronlanden.

Advertenties

Zanglijster Contest

Tussen Lettelbert en Leek viel deze beurtzang van twee zanglijsters te horen. In de verte doet ook nog even een koekoek mee, een van de zeven die ik vanavond aan de westkant van het Leekstermeer hoorde:

Kunnen we dat Eurovisie Songfestival niet vervangen door opnamen van onze beste zangvogels? De muzikale kwaliteit is stukken beter en het is ook nog veel goedkoper.


Buurkat in de ochtendzon


Lekker droog, lekker warm op het platte dak.


Ommetje Eiteweert, vroeg in de middag

Mooi koetje in land bij het Peizerdiep:

Schapen zoeken al de schaduw op:

Wilg met spinselmotten, dacht ik eerst, maar een lezer wees me erop dat het rijp wilgenzaad is:

Fluitekruid, raapzaad en boterbloemen op de oever van het Peizerdiep bij de Baileybrug:


Populaire baas

In het Viooltjesland aan de Roderwolderdijk, tussen de boerderij van Landschapsbeheer en Vierverlaten, grazen de laatste jaren vaak vijf of zes jonge Blondes d’Aquitaine . Gistermiddag fietste ik richting Vierverlaten, toen de kleine kudde het op haar heupen kreeg en in een steeds snellere draf naar een achter mijn rug liggende hoek van het weiland holde. Daar kwam hun baas tevoorschijn met een schrikdraadapparaat. Ze dansten om hem heen alsof ze voor het eerst van hun leven in een weiland kwamen en begeleidden hem helemaal naar het hek aan de andere kant van het perceel:


Achterstewold

Twee Belgische (?) paarden kwamen de hoek om stuiven; een woerd maakte dat hij wegkwam:


Finish. Hierna deden ze of er niets gebeurd was:

Kop van een edel dier dat geen kop maar een hoofd heeft:

De ander hield meer afstand en ging hooi happen:


Muizencolonnes

Ik zag deze op Twitter:

Heb zoiets een keer meegemaakt. Er was brand in bakkerij Tuin op de hoek van de Egginklaan en de Dorpsstraat in Havelte. Uit de rokende schuur erachter kwamen hele kolonnes muizen tevoorschijn, soms waren ze meterslang. Het moeten al met al honderden muizen geweest zijn. Ze zochten een goed heenkomen dwars over het kruispunt naar het Piet Soerplein. Kleine kinderen stonden er stomverbaasd en met deernis naar te kijken en ik, iets oudere blaag, startend puber, reed meermalen met mijn fiets dwars over die muizen heen. Dit tot ontzetting van die kinderen, o.a. mijn zeven jaar jongere broer die nog met breed uitgespreide handen een vergeefse poging deed om me tegen te houden. “Het is  toch maar ongedierte”, riep ik, grijnzend.

Ik heb me naderhand behoorlijk voor deze stoerdoenerij geschaamd.